Drik Engelen en Maria Cornelia Notten en hun nazaten woonden aan het einde van de straat “Op het Einde” in Catsop.

Drik Engelen (Baa)

Marie Cornelia Notten

Dirk Engelen, ook genoemd als Baa of Baake (grootvader), en zijn echtgenote Maria Cornelia Notten woonden in de straat “Op het Einde”. Ze hadden drie kinderen, waarvan er twee in leven bleven: Ida Engelen en Frits Engelen. Maria Cornelia Engelen is slechts drie jaar oud geworden. Voor zover bekend, zijn er geen directe nazaten van hen meer in Catsop. Echter, er zijn nog veel familieleden in leven, zoals de kinderen van Miet Daemen (Miet van Ida) en Harrie Goossens, namelijk Marian, Kitty, Jo, en Pierre. Ook John Daemen, de groenteboer, is een nazaat. Daarnaast zijn er nog Hein Engelen (kleinzoon) en zijn kinderen in Nieuwdorp, evenals enkele van zijn broers.

Dit is het huis van Drik Engelen en Maria Cornelia Notten, gelegen aan “Op het Einde”. Het is nog onduidelijk waar precies dit huis lag, maar de foto lijkt vanaf de voorkant genomen te zijn, aangezien daar het kruisbeeld hing, dat mogelijk tijdens processies versierd werd. Of dit het originele huis van hen was en of het hun eigendom was, is iets wat we nog nader gaan onderzoeken en te weten komen.

Het huis is een vakwerkhuis met stenen tussen de spanten, een bouwstijl die in het verleden vaak van leem was. De oorsprong van het huis gaan we verder onderzoeken. Wat betreft het kruisbeeld: dit stamt uit de middeleeuwen en werd aan de kerk geschonken door de familie Peerbooms, die er een duplicaat voor terugkreeg van de buurt (jonkheit). Het kruis werd vervolgens geplaatst op een molensteen van de familie Reubsaet van het Mergelakker.

Uit een gesprek met Hein Engelen, een kleinzoon van Drik Engelen, blijkt dat het kruisbeeld niet op de originele plaats hangt. Gezien de middeleeuwse oorsprong van het kruisbeeld en de jongere leeftijd van het huis, lijkt het logisch dat het kruisbeeld oorspronkelijk elders stond. Echter, de exacte oorspronkelijke locatie van het kruisbeeld is moeilijk te achterhalen.

Geschiedenis van het huis:

  1. Eigendom: Nog te verifiëren of Drik Engelen en Maria Cornelia Notten daadwerkelijk de eigenaren waren.
  2. Bouwstijl: Vakwerkhuis met stenen tussen de spanten, vroeger vaak van leem.
  3. Kruisbeeld: Middeleeuws, oorspronkelijk geschonken door familie Peerbooms en later geplaatst op de molensteen van familie Reubsaet.
  4. Processies: Het huis werd mogelijk tijdens processies versierd met het kruisbeeld.
  5. Gesprek met Hein Engelen: Geeft inzicht in de plaatsing van het kruisbeeld en mogelijke locatie van het huis.

Verdiepende archiefstukken:

In de gemeentelijke archieven vonden we documenten die ons meer vertelden over de bouwstijl van vakwerkhuizen in deze regio. Deze huizen werden vaak gebouwd met lokaal beschikbare materialen zoals leem en hout. Het gebruik van stenen tussen de spanten werd later geïntroduceerd om de structuur te versterken en duurzamer te maken.

Het kruisbeeld:

Verder onderzoek naar het kruisbeeld onthulde dat het oorspronkelijk op een andere locatie heeft gestaan. Door de eeuwen kan het kruisbeeld verplaatst zijn, totdat het uiteindelijk een duplicaat op de molensteen van de familie Reubsaet geplaatst werd.

Conclusie:

Het verhaal van Drik Engelen en Maria Cornelia Notten, hun huis aan “Op het Einde”, en het middeleeuwse kruisbeeld is een fascinerend stuk lokale geschiedenis. Door ons voortdurende onderzoek hopen we steeds meer details te onthullen en een volledig beeld te schetsen van het leven en de tradities van deze familie en hun gemeenschap.

Dus het huis of schuur is afgebroken er is nog een replica van het kruis wat op het huis zat aanwezig en dat zou stammen uit de middel eeuwen.

Het Huis aan “Op het Einde”: Een Historische Terugblik

Ik ga terug in de tijd en ga de kadasterkaart van de Franse raad plegen in 1820.

Het kadasternummer in 1833 was B486 maar toen de Fransen aan de deur klopte in 1795 bij hun huis waren de volgende mensen aanwezig. Mathias Hendrix 53 jaar oud  en Catharina Muijlkens 44 jaar oud  en een broer van Mathias genaamd Willem Hendrix 63 jaar oud en er woonde toen nog twee kinderen die te jong waren om genoteerd te worden dus het kan zijn dat dit het ouderlijk huis van Hendrix was en dat was dan Henricus Hendrix en Ida Ackermans en Henricus werd gedoopt in 1689 in Elsloo. Want de echtgenote van Mathias genaamd Catharina Muijlkens is van Schimmert afkomstig. Maar zoals u ziet ligt het huis op de grens van de volgende perceel en dat word later van Peerbooms -Frissen nu Ackermans (2024) en we gaan straks zien dat dit het huis van Dirk Engelen niet is. Dus als we op het einde voor het huis van nummer 36 staan stond dat aan de linkerkant. Ook ziet u dat b.v B 487 perceelnummer is weg gevallen  dus er zijn nieuwe in de plaats gekomen toen al dus uit ervaring kan ik u zeggen deze meestal tijdens de Franse tijd zijn veranderd. Dus bij B486 is geen schuur en deze kan dus op B1129 (B 487) hebben gestaan maar dat blijft een aanname. Er kan ook een brand geweest zijn of een andere gebeurtenis die ik op dit moment nog niet kan plaatsen. Meestal plaatsen ze in het verleden een kruisbeeld als er iets gebeurd is en steeds herdenken.

De kadasterkaart van 1686 is een uniek document waarop het huis als het eerste huis van onderen is getekend, gelegen aan de splitsing van de Hosterweg en “Op het Einde”. Ook is een kapel afgebeeld als een stip. Hoewel het aannemelijk is dat dit huis mogelijk toebehoorde aan de ouders van Mathias Hendrix (Hendrik Hendrix- Ackermans) , is dit slechts een veronderstelling. Desalniettemin bestond het huis wel.

Het is mogelijk dat het kruisbeeld op deze kruising stond, maar het is onwaarschijnlijk dat het op het huis van Drik Engelen stond. Het plaatsen van een kruis op een huis lijkt niet logisch, wat suggereert dat er op deze kruising mogelijk een belangrijke gebeurtenis heeft plaatsgevonden die men in die tijd steeds herdacht, vooral tijdens processies.

In de tweede telling in 1825 woonde nog steeds een zoon van Mathias, genaamd Hendrik Hendrix, samen met zijn vrouw Marie Grieten uit Beek. Ze verhuisden later naar Maasmechelen. Het huis kwam vervolgens in handen van Ambrosius Joesman uit Meerssen, een koopman, die het in 1846 weer verkocht aan Joannes Geelkens, een koetsier en dagloner. Geelkens verbouwde het huis en kreeg een schuur bij het huis, wat resulteerde in een ander kadasternummer. Hij bouwde ook een nieuw huis op de mergelakker, dat later werd afgebroken door de heer Bogman-Reubsaet.

Veranderingen in de 19e Eeuw: Op de kaart van het kadaster uit 1877 zien we dat het oorspronkelijke huis van Hendrix nog intact is, aangeduid met B486. Er wordt een schuur (Huis) bijgebouwd, gemarkeerd met het gearceerde gedeelte, in 1877. Het huis komt vervolgens in bezit van Jan Peter Steps en Hubertina Hendrix. Steps verbouwt het huis in 1907 en krijgt een ander kadasternummer, B1949. Rond 1895 kocht Steps dit huis.

Op de kadasterkaart van 1907 zien we dat het rood gearceerde gedeelte moet nog gerealiseerd worden, en op perceel B1736 is er gesloopt. Het oude huis, aangegeven in blauw, wordt gedeeltelijk gesloopt en was oorspronkelijk dicht bij de weg gelegen. Dat was het oorspronkelijk huis van Hendrix.

Na de sloop komt het perceel in handen van Barbara (Berb) Peerbooms, die naast het huis woonde maar in die tijd dienstbode was in Schimmert. Het huisnummer van haar woning was destijds “Op het Einde 19”. Later nemen haar ouders, Peerbooms-Frissen, het huis over. Vervolgens wordt het overgedragen aan een zoon, Huub Peerbooms-Martens, die de woning en schuur afbreekt en er een nieuwe woning voor in de plaats bouwt. Er woont nog steeds een nazaat van de familie Peerbooms in dat huis.

Om een beeld te krijgen van hoe het er destijds uitzag, is er een screenshot gemaakt van Street View in 2024. Dit betreft de woning aan “Op het Einde 36”.

Dus, als u van Geulle richting Catsop komt, lag het oorspronkelijke oude huis van Hendrix bij de lantaarnpaal, en vervolgens iets verder naar onder lag het vernieuwde huis. We bevinden ons hier op “Op het Einde” in Catsop, nummer 36. Aan de rechterkant lag naar veronderstelling de schuur van Hendrix, die later meerdere malen verbouwd werd door de familie Steps. Zie de hulpkaart van 1907 voor een visuele weergave.

Drik Engelen en Maria Cornelia Notten trouwden in 1904, dus in die tijd huurden ze het huis van Steps, en later van de familie Peerbooms.

Bevolkingsregister Elsloo vanaf 1890

In het schilderachtige Catsop, rond 1890, arriveerde Drik Engelen, op zoek naar een nieuw begin. Hij vestigde zich in een huis aan “Op het Einde”, nummer C39, in 1904. Hoewel het slechts gehuurd was en geen eigendom, voelde het al snel als thuis voor Drik en zijn groeiende gezin. Het huis, destijds genummerd als C39, stond recht tegenover het huis van Steps, dat het nummer C40 droeg. Drik Engelen, afkomstig uit Uikhoven, had een broer genaamd Willem, die een café had in de Daalstraat. Opmerkelijk genoeg zou Drik uiteindelijk ook zijn laatste adem uitblazen in de Daalstraat van Catsop.

Maria Cornelia Notten, de dochter van Peter Notten en Ida Reinders, werd geboren in 1897, eveneens aan “Op het Einde”. Ze maakte deel uit van een bekende familie in Catsop, waaronder haar broer Frits Notten-Reubsaet, die zich vestigde op de hoek van de Kempke en de Daalstraat. Een andere broer van haar bleef in het ouderlijk huis, genaamd Hubert Notten-Beckers. Kinderen van hen waren onder andere Door, Louis (Schoenmaker), Marie, en Huub. Een zus trouwde met een Reubsaet en woonde op het mergelakker. Een andere zus van Maria Cornelia Notten had een dochter die in Catsop bleef wonen, genaamd Notten-Frederix, en haar kinderen waren onder andere Marieke, Tjeu, en Sjeng.

Het gezin Engelen-Notten kende echter ook tragische gebeurtenissen. Ze moesten het verlies van hun tweede kind, Maria Cornelia, in 1910 betreuren, hetzelfde jaar waarin Maria Cornelia Notten zelf overleed, op 3 september. Dit rampjaar liet een diepe indruk achter op de familie, vooral op Frits, hun derde kind, dat slechts zes maanden oud was toen zijn moeder stierf. Frits, het derde kind, heeft nog jarenlang in het huis gewoond, samen met zijn echtgenote. Het huis, doordrenkt van herinneringen en liefde, was de plek waar Hein Engelen, een zoon van hen, werd geboren en opgroeide. Dirk Engelen, ongetrouwd gebleven na het overlijden van Maria Cornelia Notten, toonde een onwrikbare toewijding aan zijn kinderen en voedde hen zelf op. Het verhaal van de Engelen-Notten familie is een aangrijpend relaas van veerkracht en familiebanden, waarin zelfs in het aangezicht van tragedie, liefde en zorg blijven bloeien

Drik Engelen met zijn kinderen links Ida Engelen (Daemen ) en rechts Frits Engelen.

Ida Engelen (Daemen) op latere leeftijd maar haar gezicht haal je nog wel uit de foto.

Frits Engelen

Frits Engelen met zijn echtgenote Miet Welters uit Maastricht.

Sjra Notten en Hein Engelen zaten samen op school in Elsloo, hun grootouders, Huber en Maria Cornelia Notten, waren broer en zus. Hun ouders, Door Notten en Frits Engelen, waren neven van elkaar.

Ik heb Hein bezocht in Nieuwdorp en een gesprek met zijn toestemming opgenomen. Hier een samenvatting van zijn verhaal:

Hein deelt dat hij samen met zijn grootvader, bijgenaamd Baa of Baake, graan en koren ging summeren – het verzamelen van gewassen die de boeren hadden laten liggen. Hij vertelt hoe hij deze bundels op een speciale manier bond en op zolder legde om te drogen. Ook appels werden op dezelfde manier behandeld: Hein sloeg ze met een lange stok uit de boom en legde ze te drogen op zolder.

Huub herinnert zich levendig het interieur van het huis. Er stond een kachel en de vloer was van leem. Naast de kachel had Baa een keteltje waarin hij de resten van zijn pruimtabak spuugde, en als de heer Peerbooms op bezoek was, deden ze dit beiden. Na het pruimen gooide Baa wat as van de kachel in het keteltje, een ritueel dat elke avond herhaald werd.

Hein vertelt ook over een schuurbrand bij de buren, de Peerbooms. Zijn vader, Frits, redde een grijs paard uit de vlammen. Het paard trok zo hard dat het de ketting uit de muur trok. Toen ze buiten waren, stortte de stal in elkaar. De schuur brandde gedeeltelijk uit maar werd later volledig hersteld, zoals te vinden is in oude kranten.

Dit artikel verscheen in de krant op 02-04-1949. Hein deelde meer herinneringen:

Naast het huis stond een schuur waarin een geit gehuisvest was en een varken en konijnen, en daar bevond zich ook de wc. Op de weide liepen de kippen vrij rond, het varken dat jaarlijks geslacht werd door Louwieke van Hees. Zijn moeder hing dan een laken over het varken, waarna de keurmeester kwam om een stuk vlees te keuren voordat slager Louiwie het in stukken sneed en in een pekel bad in de kelder werd bewaard. In het huis was een kelder waar een tafel op stond, die verwijderd moest worden wanneer men naar de kelder moest. De worsten van het varken hingen in de kamer en werden met een stok gepakt. Hein lachte terwijl hij vertelde dat het vlees destijds beter smaakte dan tegenwoordig, waarbij er bijna niets meer van overblijft na het bakken. Alle benodigdheden werden op zolder bewaard en waren met een laken bedekt.

Huub vervolgde met herinneringen aan zijn vader Frits, die bevriend was met Houbair Daemen van Berb oet de gats en Herman Hendrix, de zoon van Ljen Essers-Hendrix. Ze fietsten door het Siekendaal naar Beek, waar ze de bus naar Maastricht namen voor een avondje uit. Frits trouwde uiteindelijk met Miet Welters uit Maastricht, terwijl Herman ook een Maastrichtse huwde.

Hein herinnerde zich dat Dirix de eerste vrachtauto kreeg en samen met Marieke (Cremers-Dirix), de vrouw van Sjeng Dirix, geiten molk in de Horsterweg. Marieke bakte regelmatig appelbollen in de bakoven naast het huis, die ze aan Hein en zijn broers uitdeelde na school. Hij leerde fietsen op een oude damesfiets en kwam bij zijn eerste rit tot stilstand tegen de kapel onderaan het einde.

Over het huis op de foto vertelde Hein dat als de ruit aan de zijkant werd geopend, de koeien van Cobben hun kop naar binnen konden steken. Hoewel het huis mogelijk niet het oorspronkelijke huis was, maar werd gebouwd door Geelkens en later verbouwd door Steps, en werd het kruisbeeld later opgehangen, waarschijnlijk niet op zijn originele locatie. Steps woonde tegenover dit huis en er was veel bijgebouwd, dus het is mogelijk dat het kruisbeeld oorspronkelijk op de splitsing stond hosterweg en het einde maar blijft een aaname. En dat het orginele huis van Hendrix omgebouwd is tot schuur en stallen en dat is zeker.

Mijn grote dank aan de familie Engelen voor de foto’s en verhalen als ik in de toekomst meer kan achterhalen zal ik deze weer bijwerken

Gepubliceerd door

Onbekend's avatar

catsop van vreuger

Ik ben Guus Smeets geboren en op getogen in Catsop mijn motto is wie geen verleden heeft ,heeft geen toekomst

Eén gedachte over “Drik Engelen en Maria Cornelia Notten en hun nazaten woonden aan het einde van de straat “Op het Einde” in Catsop.”

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.