Peter Notten en Ida Reijnders: Hun Levensverhaal
Geboorte en Oorsprong
Peter Notten werd geboren in [Urmond 14 augustus 1838 ] en Ida Reijnders in [Rothem 20 december 1839 ]. Hun wegen kruisten elkaar in de jaren zestig van de negentiende eeuw en in 1866 besloten ze zich te vestigen in Catsop, een schilderachtig dorp in Zuid-Limburg, Nederland. Hun verhuizing markeerde het begin van een nieuwe hoofdstuk, zowel voor hen als voor de gemeenschap waarin ze terechtkwamen.
Vestiging in Catsop
Bij hun aankomst in Catsop kochten ze een woning die al snel een centrale plek in hun familiegeschiedenis zou worden. Deze woning, gelegen aan [Het einde 12 ], werd het thuis voor hun groeiende gezin. De woning zelf had een rijke historie, waarvan de fundamenten teruggingen naar de [18 eeuw ], en het diende als een symbool van hun wortels in deze nieuwe omgeving.
Hun Gezinsleven
Peter en Ida stichtten een groot gezin, en hun kinderen zouden later trouwen en hun eigen gezinnen stichten in en rondom Catsop. De sterke familiebanden die zij creëerden, legden de basis voor vele generaties die zouden volgen. Hun kinderen waren betrokken bij diverse beroepen en gemeenschapsactiviteiten, waardoor de familie Notten-Reijnders een bekende en gerespecteerde naam werd in de regio.
Nazaten en Hun Invloed
Familieoverzicht
Hieronder volgt een overzicht van enkele van de belangrijkste familietakken die voortkomen uit het huwelijk van Peter Notten en Ida Reijnders:
- Familie Fredrix-Notten: Onder deze tak valt bijvoorbeeld de familie Steps-Fredrix.
- Familie Engelen-Notten: Met afstammelingen zoals Ida Engelen-Daemen.
- Familie Notten-Beckers: Met vertakkingen zoals Notten-Timmermans en Derhaag-Notten.
- Familie Notten-Reubsaet: Deze tak omvat bijvoorbeeld Notten-Schepers.
- Familie Reubsaet-Notten: Inclusief Stassen-Reubsaet, Bogman-Reubsaet, en Harrie Reubsaet met zijn café, heeft deze tak een belangrijke rol gespeeld in de lokale horeca en sociale leven.
Historische Woning en Erfgoed
De woning van Peter en Ida in Catsop heeft een rijke historie en staat symbool voor de vestiging van de familie in de regio. De woning, gebouwd in de [voor de 18 eeuw], is door de jaren heen goed onderhouden en is tegenwoordig een herkenningspunt in het dorp. Het huis heeft vele generaties van de familie Notten-Reijnders zien opgroeien en is getuige geweest van talloze familie-evenementen en historische momenten.
Conclusie
De komst van Peter Notten en Ida Reijnders naar Catsop in 1866 heeft een blijvende impact gehad op de gemeenschap. Door hun nageslacht hebben ze een grote familie gecreëerd die nog steeds aanwezig en invloedrijk is in Catsop. De familiebanden zijn sterk en hun nalatenschap leeft voort in de vele nazaten die nog steeds in de regio wonen. Hun verhaal is een testament van doorzettingsvermogen, familiebanden, en gemeenschap.

Geboorteakte van Peter Notten (1839)
In het jaar 1839, op 14 augustus, werd de geboorte van Peter Notten officieel vastgelegd. Zijn vader, ook genaamd Peter Notten, verscheen om vier uur in de middag op het gemeentehuis in Sittard om de geboorte van zijn zoon aan te geven, zoals verplicht was sinds de invoering van de burgerlijke stand door de Franse overheersing.
Details van de Akte
- Datum en Tijdstip:
- Jaar: 1839
- Datum: 14 augustus
- Tijdstip van Aangifte: Vier uur in de middag
- Aangever:
- Naam: Peter Notten (vader)
- Leeftijd: 39 jaar
- Plaats: Sittard
- Geboorte van de Zoon:
- Naam: Peter Notten
- Geboortedatum: 14 augustus 1839
- Geboortetijd: Drie uur in de middag
- Moeder:
- Naam: Mechtildis Hendrix
- Rol: Huisvrouw
- Getuigen:
- Karel Heijnen:
- Leeftijd: 35 jaar
- Herkomst: Urmond
- Johannes Heijnen:
- Leeftijd: 30 jaar
- Herkomst: Urmond
- Karel Heijnen:
- Ondertekening:
- De vader, Peter Notten, verklaarde dat hij niet kon schrijven, wat destijds veel voorkwam. Daarom werden er getuigen meegenomen die wel konden lezen en schrijven.
Deze geboorteakte is een belangrijk document dat niet alleen de geboorte van Peter Notten vastlegt, maar ook een glimp biedt van de sociale omstandigheden en gebruiken van die tijd. Het geeft inzicht in de administratieve procedures die waren ingevoerd door de Franse overheid en hoe deze werden nageleefd in de lokale gemeenschappen.
Context en Historie
De verplichting om geboorten aan te geven bij de burgerlijke stand werd ingevoerd tijdens de Franse overheersing van Nederland (1795-1813). Deze maatregel was bedoeld om een nauwkeurige registratie van de bevolking te waarborgen. Dat Peter Notten senior niet kon schrijven en daarom getuigen moest meenemen, was in die tijd heel gebruikelijk. Het analfabetisme was hoog, vooral onder de plattelandsbevolking, en mensen die konden lezen en schrijven, hadden een belangrijke rol in officiële zaken.
Door deze akte weten we meer over de geboorte en vroege jaren van Peter Notten, die later met Ida Reijnders naar Catsop zou verhuizen en daar een groot nageslacht zou stichten. Dit document vormt de basis voor het begrijpen van zijn achtergrond en de familiegeschiedenis die hij samen met Ida opbouwde in Catsop.

Geboorteakte van Ida Reijnders (1839)
In het jaar 1839, op 20 december, werd de geboorte van Ida Reijnders officieel vastgelegd. Haar vader, Frederik Reijnders (die ook bekend stond als Severijn), verscheen om drie uur in de middag op het gemeentehuis in Meerssen om de geboorte van zijn dochter aan te geven.
Details van de Akte
- Datum en Tijdstip:
- Jaar: 1839
- Datum: 20 december
- Tijdstip van Aangifte: Drie uur in de middag
- Aangever:
- Naam: Frederik Reijnders (Severijn)
- Leeftijd: 30 jaar
- Beroep: Dagloner
- Woonplaats: Rothem, onderdeel van de gemeente Meerssen
- Geboorte van de Dochter:
- Naam: Ida Reijnders
- Geboortedatum: 20 december 1839
- Geboortetijd: Negen uur in de ochtend
- Geboorteplaats: Thuis in Rothem
- Moeder:
- Naam: Margaretha Vliegen
- Beroep: Zonder beroep
- Getuigen:
- Adolf Jaiquet:
- Leeftijd: 28 jaar
- Beroep: Griffier
- Plaats: Meerssen
- Bartholomeus Volders:
- Leeftijd: 59 jaar
- Beroep: Veldwachter
- Plaats: Meerssen
- Adolf Jaiquet:
- Ondertekening:
- De vader, Frederik Reijnders, verklaarde dat hij niet kon schrijven. Daarom werden er getuigen meegenomen die de verklaring voorlazen en ondertekenden.
Context en Historie
De officiële geboorteakte van Ida Reijnders geeft een gedetailleerd beeld van de administratieve procedures van die tijd. Dit document is niet hetzelfde als de kerkelijke doopakte, die meestal getuigen uit de familie vermeldde en waarin doopnamen werden opgenomen. In dit geval waren de getuigen geen familieleden, maar personen met officiële functies: een griffier en een veldwachter.
Aanvullende Informatie
De geboorteakte van Ida Reijnders is een belangrijk document voor het traceren van haar familiegeschiedenis. Het vermeldt dat haar vader, Frederik Reijnders, een dagloner was en woonde in Rothem, wat toen deel uitmaakte van de gemeente Meerssen. Het is ook vermeldenswaardig dat haar vader niet kon schrijven, wat destijds veel voorkwam, vooral onder de arbeidersklasse.
Deze akte vormt een waardevolle aanvulling op de familiegeschiedenis van Peter Notten en Ida Reijnders. Samen verhuizen ze later naar Catsop, waar ze een groot gezin stichten en een blijvende impact hebben op de gemeenschap. De officiële geboorteaktes helpen om een compleet beeld te vormen van hun oorsprong en de sociale omstandigheden waarin ze leefden.
De grootouders van Ida van vaderskant kwamen uit Kelmond, en de grootvader van vaderskant was afkomstig uit Oirsbeek. Hij trouwde waarschijnlijk in Kelmond.
De grootouders van moederskant waren Willem Vliegen en Maria Leukel uit Meerssen.
Verschillende Namen van Frederik (Severijn) Reijnders vader van Ida
Frederik Reijnders gebruikte verschillende voornamen. Op de geboorteakte van Ida staat hij vermeld als Frederik, terwijl hij in andere aktes ook als Godfried voorkomt. Op het kadaster en in de meeste officiële documenten werd hij echter aangeduid als Severijn. Zijn geboorteakte uit 1809, opgesteld in het Frans, vermeldt zijn naam als Sevrin, wat overeenkomt met Severijn.
Werkzaamheden van Ida Reijnders
Ida Reijnders werkte op verschillende plaatsen als werkbode. Een van haar werkgevers was Klara Stuchs, een Duitse vrouw, en Franz Ludof Kock, een koopman in Beek, achter de kerk. Voor deze werkervaring had Ida ook in Meerssen gewerkt.
De Familiegeschiedenis in Kelmond
Voordat we verdergaan met het verhaal van Peter Notten, bekijken we de woonplaats van Sevrijn Reijnders, de vader van Ida, en de woonplaats van de grootouders in Kelmond.
Nalatenschap van de Grootouders in 1834
Toen Lambert (Pieter Laurents) Reijnders en Margaretha Lemmens in 1834 stierven, lieten ze een Memorie van Successie achter, die vertaald werd door de pastoor uit Beek omdat hij in het Franse taal was geschreven. Deze verklaring beschrijft de verdeling van hun bezittingen onder hun kinderen. De nalatenschap bevatte hun woning en diverse percelen, waaronder een wijngaard. De kinderen regelden de erfenis onderling zonder tussenkomst van een notaris.
Verklaring inzake de Successie van Pierre Laurent Reijnders
In deze verklaring van de nalatenschap van Pierre Laurent Reijnders, overleden op 14 januari 1834, worden de verdeling en details van zijn bezittingen beschreven. Dit document werd opgesteld door Marguérite Lemmens, de weduwe van Pierre Laurent Reijnders, samen met hun kinderen.
De Erfgenamen:
- Marguérite Lemmens, weduwe van Pierre Laurent Reijnders.
- Cornélie Reijnders, echtgenote van Guillaume Muris.
- Jean Mathieu Reijnders.
- Jean Jacques Reijnders.
- Jean Reijnders.
- Godfroi Reijnders.
- Elisabeth Reijnders.
- Marie José Reijnders, echtgenote van Jean Notten, woonachtig in Moorveld in de gemeente Geulle.
Deze kinderen verklaarden allen te wonen in het huis van Marguérite Lemmens, de weduwe van de overledene.
Nalatenschap en Verdeling:
1. Eigendommen in Kelmond:
- De helft van een woning met tuin en weide, bestaande uit achttien perches, grenzend aan Michiel Voegts en de heer Nijst.
2. Land en Weide in Beek:
- 68 perches en 31 el groot, grenzend aan mevr. de Montaigne en de heer Pierre Martens.
3. Weide in Beek:
- 12 perches en 52 el, grenzend aan de weduwe Stijnen en de kinderen Canisius.
4. Land in het Kelmonderveld:
- 22 perches en 77 el groot, grenzend aan Mathieu Houtakkers en Cornelie Odekirchen.
5. Land in Beek:
- 23 perches en 18 el groot, grenzend aan de weduwe van Nicolaas Cobben en de weduwe Stijnen.
6. Land achter de Bongaert:
- 20 perches en 18 el groot, grenzend aan Lemmens en Cornelie Odekirchen.
7. Land in Beek:
- 10 perches en 45 el groot, gelegen aan de Heggenstok, grenzend aan de weg en Jacques Wouters.
8. Snijdersweide:
- 10 perches en 15 el groot, grenzend aan Pierre Martens en een weg.
9. Land in het Kelmonderveld:
- 18 perches en 12 el groot, grenzend aan Jean Guillaume Pesch en de heer Stevens.
10. Land in Den Hoek:
- 12 perches groot, grenzend aan de weduwe van Lambert Hakken en de weg die Valkenburgerweg genoemd wordt.
11. Land in het Kelmonderveld:
- 42 perches groot, grenzend aan de kinderen Akkermans en een voetpad.
Verklaring:
Er wordt verklaard dat er voor het overlijden van Pierre Laurent Reijnders geen religieuze bijeenkomsten plaatsvonden en er was geen stopzetting van het vruchtgebruik.
Gemaakt in Beek op 23 januari 1834:
- J.J. Reijnders
De andere erfgenamen verklaarden niet te kunnen tekenen:
- J. Roebroek, getuige
- Fr. Roebroek, getuige
Conclusie
Deze successieverklaring geeft een gedetailleerd beeld van de erfenis van Pierre Laurent Reijnders en de wijze waarop zijn bezittingen werden verdeeld onder zijn nabestaanden. Dit document helpt niet alleen om de familiegeschiedenis van Ida Reijnders en haar voorouders te begrijpen, maar biedt ook een waardevolle context over de eigendommen en het leven in Kelmond en omgeving in de 19e eeuw.
En 6 is Godfroi of Godfriedus of Sevrein is de vader van Ida.
De Woning in Kelmond
De woning van Pierre Laurent Reijnders en Marguérite Lemmens bevond zich in Kelmond. In de verklaring van de nalatenschap worden de buren omschreven, omdat er destijds nog geen perceelnummers bestonden. Op basis van deze beschrijvingen kon de woning worden geïdentificeerd.
Identificatie van de Woning
Tien jaar na de dood van Pierre Laurent Reijnders werd de woning geregistreerd in het kadaster. Op dat moment stond de woning op naam van hun zoon, Jacob Reijnders (Jean Jacques Reijnders), het derde kind. Deze registratie bevestigt de locatie van de woning en geeft inzicht in de eigendomsoverdracht binnen de familie.
Samenvatting
De successieverklaring en de daaropvolgende kadastrale registratie bieden waardevolle informatie over de woning en eigendommen van de familie Reijnders. Deze documenten helpen niet alleen om de fysieke locatie van de woning in Kelmond te traceren, maar bieden ook inzicht in de familiebanden en eigendomsverhoudingen na het overlijden van Pierre Laurent Reijnders.

Dit was de ouderlijke woning, Kelmonderhofweg 14, van de vader van Ida Reijnders, genaamd Sevrijn. In de nalatenschap wordt ook Godfridus genoemd
Het Leven van Sevrijn Reijnders en Maria Vliegen
De Woning in Kelmond
De ouderlijke woning van Sevrijn Reijnders, gelegen aan de Kelmonderhofweg 14, wordt genoemd in de nalatenschap van zijn ouders, Pierre Laurent Reijnders en Marguérite Lemmens. Deze woning werd later geregistreerd op naam van hun zoon, Jean Jacques (Jacob) Reijnders. Een andere zoon, Godfridus, wordt ook genoemd in de nalatenschap.
Huwelijk en Leven in Meerssen
Sevrijn Reijnders trouwde met Maria Vliegen uit Rothem op 22 januari 1835 in Meerssen. Maria Vliegen, geboren op 29 augustus 1812 in Rothem, was de dochter van Willem Vliegen en Maria Leukel. Haar moeder overleed op 15 augustus 1830 en haar vader op 12 september 1834. Uit de nalatenschap van haar ouders blijkt dat Maria nog een broer, Nicolaas, en een zus, Greta, had. Het familiehuis in Rothem wordt beschreven als zijnde naast de huizen van Jan Konings en Andries Jaspers, met een stal, schuur en moestuin.
Kinderen in Meerssen en Kelmond
Sevrijn en Maria kregen hun eerste kinderen in Meerssen:
- Chatrina (1835)
- Helena (1837)
- Ida Reijnders (1839)
Na de geboorte van Ida verhuisde het gezin terug naar Kelmond, waar hun jongste dochter, Elisabeth (1843), werd geboren. In Kelmond had Sevrijn al een woning op zijn naam staan sinds 1833, wat blijkt uit het kadaster. Dit huis maakte geen deel uit van de nalatenschap van zijn ouders, wat suggereert dat Sevrijn het mogelijk zelf heeft gekocht of gebouwd voor hun overlijden.
Eigendommen in Kelmond en Omgeving
De eigendommen van Sevrijn Reijnders in Kelmond:
- Woning met tuin en weide:
- Kelmonderhofweg 14, geregistreerd in 1833.
- Verdeling van ouderlijk eigendom in de nalatenschap:
- Diverse percelen land en weide zoals beschreven in de successieverklaring, waarvan de helft van de eigendommen aan de kinderen werd toegewezen.
Conclusie
Sevrijn Reijnders en Maria Vliegen leefden eerst in Meerssen (Rothem) waar ze hun eerste drie kinderen kregen, en verhuisden daarna terug naar Kelmond. Sevrijn had daar al een woning sinds 1833, nog voor zijn huwelijk. Dit huis aan de Kelmonderhofweg 14 bleef een belangrijk familiebezit. De successieverklaring van zijn ouders toont de verdeling van hun eigendommen en bevestigt de locatie van de familiebezittingen in Kelmond.
Door de combinatie van de huwelijksakte, geboorteaktes van de kinderen, en kadastrale gegevens, krijgen we een compleet beeld van het leven en de bezittingen van de familie Reijnders-Vliegen.

De Woonplaats van Ida Reijnders in Kelmond
Ida Reijnders, de echtgenote van Peter Notten, woonde met haar familie in Kelmond, in een huis dat later afgebroken en vervangen werd. De locatie, nu gemarkeerd met een blauwe pijl op een combinatiekaart van toen en nu, stond bekend als Krakouwen in het bevolkingsregister. Ida woonde hier met haar ouders, Sevrijn Reijnders en Maria Vliegen, en haar zussen, totdat haar oudere zus Catharina verhuisde naar Oensel.
De Familiegeschiedenis van Peter Notten
Geboorte en Oorsprong
Peter Notten werd geboren op 14 augustus 1839 in Urmond. Zijn ouders, Peter Notten (geboren in 1800) en Mechtildis Hendrix (gedoopt op 26 maart 1796), waren ook afkomstig uit Urmond. De familiegeschiedenis van de Nottens kan in Urmond tot 1738 worden teruggevoerd, waardoor ze echte Urmondenaeren zijn.
Militaire Dienst
De vader van Peter Notten (1800) gaf zichzelf op voor militaire dienst in 1819, en er zijn nog steeds gegevens van deze inschrijving beschikbaar. Dit toont aan dat de familie Notten een lange geschiedenis heeft in de regio.
Samenvatting
Ida Reijnders woonde met haar familie in Kelmond, in een huis dat bekend stond als Krakouwen. Na haar huwelijk met Peter Notten, die afkomstig was uit Urmond, verliet ze Kelmond. De familiegeschiedenis van beide echtelieden gaat diep terug in de geschiedenis van hun respectieve dorpen, met eigendommen en gebeurtenissen die getuigen van hun lange aanwezigheid in de regio. De volgende stap in het verhaal brengt ons naar Urmond, waar de oorsprong van Peter Notten verder wordt verkend.

Peter Notten’s Vader: Geboren in 1800
Peter Notten’s vader werd geboren in augustus 1800, om vier uur in de ochtend, in Urmond. Zijn ouders waren Joannes Notten en Barbara Phillips. Joannes Notten was een akkerman, een term die in die tijd werd gebruikt voor een landbouwer of boer. De vader van Peter had geen specifiek beroep op het moment van zijn geboorteaangifte. Hij had zich aangemeld voor militaire dienst in Sittard, waar hij zijn lotnummer 11 ontving.
Militaire Dienst
De inschrijving voor militaire dienst in 1819 vond plaats in Sittard. Hoewel er details in het Frans zijn die moeilijk leesbaar zijn, is bekend dat deze documenten belangrijke informatie bevatten over zijn diensttijd en de verplichtingen die hij had.
Woonplaats en Eigendommen
Hoewel de exacte woonplaats van Joannes Notten en Barbara Phillips in Urmond niet duidelijk is, hadden ze wel eigendommen in de regio. Dit blijkt uit verschillende Franse documenten en bevolkingsregisters uit die tijd. De Franse lijsten van inwoners van Urmond vermelden de grootouders van Peter Notten, wat een waardevolle bron is voor verdere genealogische onderzoeken.
Inwoners van Urmond
De Franse lijsten van inwoners van Urmond en het bevolkingsregister bieden een schat aan informatie over de familie Notten. Deze documenten helpen bij het traceren van de familiegeschiedenis en het begrijpen van hun leefomstandigheden en eigendommen in die tijd.

Bevolkingsregister van Peter Notten en Mechtilde Hendrix
Het bevolkingsregister van Peter Notten en Mechtilde Hendrix, samen met hun kinderen, vermeldt helaas geen adres. Uit aanvullend onderzoek in het kadaster blijkt dat ze waarschijnlijk huurders waren.
Peter Notten en Mechtildis Hendrix stierven beiden op jonge leeftijd, namelijk op 53-jarige leeftijd, slechts enkele dagen na elkaar. Peter overleed op 25 juli en Mechtildis op 1 augustus van hetzelfde jaar, wat opmerkelijk is. Peter zou toen ongeveer 14 jaar oud zijn geweest. Het was niet mogelijk hem in de bevolkingsregisters van Urmond te vinden, dus hij kan bij familieleden zijn ondergebracht.
Het spoor in Urmond liep dood, maar ik ontdekte dat Peters zus, Maria Helena Notten, in Elsloo trouwde met Johannes Hendricus Schutjens. Beiden werkten op het kasteel in Elsloo. Schutjens, afkomstig uit Catsop, was koetsier op het kasteel, en Helena werkte ook daar. Ik maakte destijds een kleine reportage over deze familie in Catsop met het verhaal van An Haenen, die haar voorouders zijn. Voor meer informatie, zie: familie Smeets-Schutjens op het Einde.
Een andere zus van Peter, die in het register op nummer 4 staat, trouwde met een Bovens en vertrok naar Maastricht. Andere kinderen uit de familie stierven op jonge leeftijd, waardoor de familie Notten uiteindelijk uit Urmond vertrok. Uit kadasteronderzoek blijkt dat de bezittingen van Notten-Hendrix verkocht zijn.
Daarna vond ik de huwelijksbijlagen van Peter Notten en Ida Reijnders. Deze documenten bevatten sterfaktes van hun ouders. Peter Notten had zich ook aangemeld bij de Nationale Militie en diende van 1858 tot 1860 in Maastricht, bij het 3e Regiment Infanterie.
Voor hun huwelijk dienden Peter en Ida een certificaat van onvermogen in, wat betekent dat ze de kosten voor aktes en uittreksels niet konden betalen. Peters woonplaats was toen Ulestraten, waar hij als dienstknecht werkte, vermoedelijk op een boerderij. Ida woonde in Beek, wat Kelmond kan zijn.
Na hun huwelijk in 1865, kochten Peter en Ida in 1866 een huis in Catsop. We zullen bekijken waar dit huis zich bevond en van wie ze het kochten, maar eerst een overzicht van Catsop.

Dit is op het einde in Catsop en het tweede huis van Links het voorste gedeelte kochten Peter en Ida in 1866 van Theodoor Gijsen en dat gaan we bekijken.
Nog een foto van uit de satelliet .

Situatie in Catsop: Toen en Nu
Dit is de situatie zoals die nu is in 2024, gecombineerd met de oude situatie van 1815. De blauwe lijnen geven de grenzen van hun perceel aan. Als je destijds voor het huis stond, bevond de schuur zich aan de linkerkant. Waar de blauwe pijl staat, was de woning. Als je verder naar links kijkt, zie je het pad dat naar hun tuin leidde. Ze moesten over het erf van de buren om bij hun tuin te komen. De schuur stond tegen het erf van de andere buren aan. Dit adres correspondeert nu met Nummer 12 “op het Einde”.

Dit is de eerste kadasterlegger waarin de woning van Peter en Ida naar voren komt. De woning was destijds eigendom van Theodoor Gijsen, een kleinzoon van Drick Martens, een bokkenrijder die was teruggekeerd. Theodoor Gijsen werd geboren in de woning op de hoek van de Daalstraat en Kempken. Deze woning is genoteerd als B270 (doorgestreept), nu Daalstraat 39B. Destijds lag deze naast de woning van Collard, die B271 had, nu Daalstraat 37. In de kadasterlegger zien we verschillende nummers, waaronder B1118 en B115, die Peter en Ida kochten.
Over Theodoor Gijsen is weinig informatie beschikbaar. Hij was eerst getrouwd met Cornelia Sproncken en huwde daarna Maria Anna Stijnen in Beek in 1866. Dit komt overeen met de verkoopdatum van het huis op Het Einde in Catsop. Of Theodoor hier daadwerkelijk heeft gewoond, valt misschien nog te achterhalen.
De historie van de woning op Het Einde in Catsop, nu Het Einde 12
Voordat we de geschiedenis van deze woning induiken, eerst wat algemene informatie. In het verleden werden sommige woningen omgebouwd tot schuren en andersom. Vaak waren boerderijen lange gebouwen met zowel een woning als een schuur. Deze woningen konden verdeeld worden in kamers die afzonderlijk verkocht werden, vaak met een moestuin. Boerderijen werden soms uitgebreid of verdeeld bij een groeiend gezin.
Voor dit onderzoek maak ik gebruik van bevolkingsregisters, kadasterdocumenten, Memories van Successen, gichtregisters, notariële akten en stambomen om een compleet beeld te krijgen van de bewonersgeschiedenis. Als iemand geïnteresseerd is in een specifieke akte, kan die altijd worden ingezien. De historie wordt hier in sprongen beschreven om het overzichtelijk te houden, vooral omdat de woning niet altijd in dezelfde familie bleef en informatie verspreid moest worden verzameld.
De Franse tijd en het kadaster
Wanneer we de geschiedenis van dit huis bekijken, kunnen we ver teruggaan. We beginnen in de Franse tijd, toen er een kadasterkaart werd gemaakt waarop deze woning al in vrijwel dezelfde situatie te zien is.

Ik heb de huidige huisnummers op de percelen van de kadasterkaart van 1820 geplaatst. We concentreren ons op nummer 12 en volgen de geschiedenis van deze woning terug tot 1779
Franse Tijd
We beginnen met de Franse tijd en de oude kaart, om te ontdekken wie er destijds woonden. De Fransen hielden een volkstelling om te bepalen welke jongens geschikt waren voor het leger en om een begin te maken met de burgerlijke stand. Dit was ook bedoeld om belastingen te innen. Vanaf die tijd werd het verplicht om geboorte-, sterf- en huwelijksakten op te laten maken.
Bevolkingstelling
We gaan nu terug naar de periode toen de Franse ambtenaren aan de deur klopten met de vraag: “Wie woont hier?”

Dus op het huidige adres nummer 8 op het Einde, dat toen nummer 153 was, woonden Joanna Bours en Willem Monnisen met hun dochter. Joanna Bours was de dochter van Boer Jan Nelis, een bokkenrijder die in 1774 werd opgehangen. Op deze woning kom ik in een ander deel van mijn verhaal terug.
Op het huidige huisnummer 12, destijds nummer 154, woonde in de Franse tijd de weduwe van Peter Nijsten en haar kinderen. Dit is hetzelfde huis waarin 70 jaar later Peter Notten en Ida Reijnders zal gaan wonen. De weduwe schreef zich Cornelia Heijnen en zij was de enige overgebleven dochter van Henricus Heijnen en Catharina Schoffelen. Volgens de gichtregisters (overdracht register)van 1779 woonde dit gezin in Catsop.
Ik heb een ingekorte versie van dit gichtregister (overdracht register) waaruit duidelijk blijkt dat dit huis oorspronkelijk van Henricus Heijnen en Catharina Schoffelen was, en dat Peter Nijsten er ook woonde.
19/03/1779
Registratie obligatie verleden voor notaris M. Cortius op 17/03/1779 te Maastricht, waarbij
Pieter Nijsten, inwoner van Catsop, gehuwd met Cornelia Heijnen
400 gulden aan 5% rente leent van
Elisabeth Coninx, meerderjarige ongehuwde dochter, wonende als dienstmeid te Maastricht.
Borgstellingen:
De volgende percelen te Elsloo, afkomstig van de opnemers ouders, wijlen Jan Nijsten en Maria Kerskens, en hem als enige zoon na het overlijden van zijn moeder in volle eigendom aangestorven, nl.
- Huis met moesthof en stallingen in Elsloo.
Begrensd: zons opgang Steven Bovens, zonsondergang Leendert Leenders. - 170 kleine roeden akkerland gelegen op het Heester.
Begrensd: ter oosten ondergrond Machiel Boers, ter zuiden ondergrond Machiel Gijsen. - 150 kleine roeden weide met bomen beplant, gelegen op de Geluck.
Begrensd: ter oosten ondergrond Machiel Gijsen, ter zuiden ondergrond de weduwe van Johannes Boers. - 50 kleine roeden in den Hoek gelegen.
Begrensd: ter oosten ondergrond Caris Carissen, ter zuiden ondergrond dhr. Linneers.
Daarnaast hypothekeert de opnemer goederen afkomstig van zijn echtgenotes overleden ouders, met name Hendrick Heijnen en Catharina Schoeffel, de echtgenote zijnde enige dochter en de goederen haar in volle eigendom aangestorven, nl.
- Huis bewoond door de opnemer, met koolhof, weide en stallingen.
Begrensd: zonsopgang Andries Janssen, zonsondergang de weduwe van Matthijs Fredrix.
Als u leest dat de goederen zijn gehypothekeerd en afkomstig zijn van zijn echtgenote, dus van Heijenen-Schoffelen, en het huis wordt bewoond door de opnemer, kan men ervan uitgaan dat dit hetzelfde huis is dat nu het huidige nummer 12 aan het einde is. Dit huis bestond al vóór 1779. Cornelia Heijnen is gedoopt in 1729, maar of zij in dit huis is geboren, kan ik nog niet bewijzen.
U ziet ook dat er geschreven wordt over de reingenoten (buren) Andries Janssen. Hij is geboren in Rekem en was getrouwd met Mechtildis Schols (Geulle). De Franse lijst vermeldt 156 bij zonsopkomst en zonsondergang wed. Mathijs Frederix. Dit zou kunnen betekenen dat vanuit het huis van Peter Nijsten gezien, Andries Janssen naast hem woonde en achter in de tuin grensde aan de weduwe Mathijs Frederix. Deze weduwe zou destijds de echtgenote van de schepen Frederix kunnen zijn geweest, hoewel hij al gestorven lijkt te zijn. Dit was de situatie in 1779. De Franse telling van 1795 kan dit veranderen, aangezien er 15 jaar tussen zit.
Ook kunt u lezen dat Peter Nijsten de enige zoon is van Jan Nijsten en Maria Kerskens. Zij hadden ook een huis dat ze als borg stelden. Dit huis lag in Catsop op den Dries. Er staat Leendert Leenders en dat is Leonard Lenaerts. Steven Bovens kan Servatius Bovens zijn geweest, en zij woonden toen naast elkaar, hoewel ik dit nog niet kan bewijzen. Dit is dus een aanname.
In 1785 stierf Peter Nijsten. Ze hadden een hypotheek die ze moesten afbetalen, wat ze ook deden in 1791. Dit zijn weer enkele jaren verder, maar de schuld blijft. Omdat Peter Nijsten is overleden, gaat de erfenis over aan de kinderen. Cornelia Heijnen krijgt het vruchtgebruik, wat inhoudt dat ze gebruik mag maken van (de opbrengst van) vermogen dat niet haar eigendom is. Ze mag bijvoorbeeld in de woning blijven wonen die op naam van haar kinderen staat, zonder dat zij daar een vergoeding voor krijgen.
Ik heb nog een gichtregister (overdrachtregister) gevonden dat is ingekort uit 1791, en dan zitten we kort op de Franse telling.
Registratie verkoopakte, 17/05/1791 (pagina 123-126)
Verleden voor notaris T.B. Caenen op 17/04/1791 te Rekem, waarbij:
Verkopers:
- Cornelia Heijnen, weduwe van Piter Nijsten [de moeder voor het vruchtgebruik en de kinderen voor de naakte eigendom], en
- Joannes Nijsten, haar zoon, die ook sterk makende voor zijn meerderjarige zussen Maria Catharina, Maria Christina en Maria Nijsten (de eerste 2 zussen wonende te Maastricht), en
- Christiaan Nijsten en Hendrik Nijsten als momboors door het gerecht van Elsloo aangesteld over de 2 minderjarige kinderen Henricus en Martinus Nijsten, allen inwoners van Catsop
Verkopen aan:
- Martinus Biesmans, inwoner van Catsop, gehuwd met Maria Johanna Ghijsen
Verkochte eigendom:
- 1,5 morgen of 150 kleine roeden weide gelegen te Catsop.
Reingetonen:
- Ter eerne de weduwe Lendert Lenders, ter andere Lamb. Lenssen.
Prijs:
- 83 stuiver per kleine roede boven de erflasten, keuren en 7 stuiver cijns ten behoeve van de heer van Elsloo. Gehele som van 622 gulden + lijkkoop + 5 stuiver godshelder.
Kortingsregeling:
- Er is korting op de totale prijs, omdat de koper een obligatie van 100 pattacons ten laste van de inboedel van de weduwe aanbiedt. Deze obligatie is ten behoeve van Paulus Nelissen, burger van Maastricht.
Betalingsregeling:
- De koper belooft onder hypotheek van persoon en goederen de obligatie binnen de 3 maanden terug te betalen aan Paulus Nelissen. Het overige geld wordt aan de verkopers betaald.
Getuigen:
- Mejuffr. M.E.F. Caenen en Anth. Lud. Gregor.
Volmacht:
- Aangehecht de notariële volmacht de dato 23/04/1791, verleden voor notaris J.F. Habets te Maastricht van de 2 zussen die in Maastricht wonen, waarbij Maria Catharina Niesten (Nijsten) en Maria Christina Nijsten, beiden meerderjarige dochters, geboren te Catsop, nu wonende te Maastricht als dienstmeid bij juffr. de weduwe Hopmans en bij de heer overste De Quaije, geven volmacht aan hun moeder Cornelia Heijnen, weduwe van Pieter Niesten, en aan hun broer en zus om landbouwgrond te verkopen om de last van 400 gulden te redimeren.
Een gichtregister (overdrachtsregister) uit 1791 toont duidelijk dat Cornelia Heijnen, de moeder, het vruchtgebruik heeft en de kinderen de naakte eigendom. Dit betekent dat als u eigenaar bent van vermogen, u er geen gebruik van mag maken, noch van de opbrengsten ervan. U bent bijvoorbeeld door een schenking eigenaar geworden van een woning, maar u mag er zelf (nog) niet in wonen.
Cornelia verkoopt land en inboedel vermoedelijk om de hypotheek te betalen. Dit ziet u helemaal onderaan staan. Ze verkoopt aan Martin Biesman, die een paar huizen verder woonde. Uit het register blijkt ook dat twee van haar kinderen in Maastricht werken bij de weduwe Hopmans en overste Quaije, en dat zij hun goedkeuring moeten geven. Deze kinderen waren Maria Catharina en Maria Christina Nijsten. Daarnaast woonden er nog twee minderjarigen, Henricus en Martinus, waarvoor Hendrik en Christian als voogden optraden, zoals door het gerecht was vastgesteld. Ze woonden allen in Catsop, in het huis dat nu bekend is als Het Einde 12, behalve de twee zusjes die in Maastricht werkten.
Nu gaan we naar de Franse telling van 1795. We weten nu hoe de familie er tot dan toe voor stond.

Dus, nogmaals de telling. U ziet op nummer 154, nu Het Einde 12, de namen staan waar we het in 1791 over gehad hebben. Drie van deze namen zijn doorgestreept omdat ze ergens anders werkten of woonden: Maria Catharina en Maria Christina in Maastricht, en Martinus die later in Schinnen woonde. De oudste, Joannes Nijsten, was al getrouwd in Geulle en zal daar op de lijst staan, maar hij komt later terug naar deze woning.
Wat ik ook wil vermelden is dat er twintig jaar verschil zit tussen de telling van 1795 en de kadasterkaart van de Fransen rond 1815. Daarom ga ik de situatie van 1779 invullen op de kaart van 1815, zoals ik die heb overgenomen uit het overdrachtsregister van 1779.

Dus dit zou de situatie in 1779 zijn geweest, aangezien Andries Janssen woonde aan de zonsopgang van Peter Nijsten. Weduwe Wijnen was de echtgenote van Cornelis Bours, die schuldig was bevonden als bokkenrijder en vijf jaar eerder was opgehangen. In 1795 veranderde dit echter, en woonde Andries Janssen achter de buren van hem.
Vanaf nu gaan we sprongen maken in de tijd. We weten nu wie er in 1779 en 1795 woonde, en we gaan nu naar de tweede telling rond 1825.
Daaruit blijkt dat de woning is gesplitst. Wanneer dit precies gebeurde, heb ik niet kunnen achterhalen, maar ik heb wel de memorie van successie van Joannes Nijsten ingezien. In de Franse telling van 1795 (zie afbeelding) woonde Cornelia Heijnen met haar kinderen Hendrik, Maria, Maria Catharina, Christina, en Martinus Nijsten. De laatste drie kinderen zijn doorgestreept, waarschijnlijk omdat ze elders woonden of werkten. Deze kinderen konden allemaal aanspraak maken op de woning, waardoor deze verdeeld en gesplitst kan zijn. Een gedeelte van het huis bleef door de kinderen bewoond en het vruchtgebruik bleef behouden, wat waarschijnlijk het voorste gedeelte van het huis was.
In 1820 vond ongeveer de tweede telling plaats, en dan zullen we zien wie er toen woonde.

Op het huidige adres Het Einde 12 woonde destijds Marie Nijsten. Zij had het vruchtgebruik van de woning, samen met Joannes Nijsten en Maria Houberichs (Geulle), die ook in de woning woonden. Maria had nog een broer, Martinus, en een zus, Marie Christina. Toen Joannes stierf, heb ik de memorie van successie nagekeken. Joannes had geen woning, en Martinus was de voogd van Marie Helene, de dochter van Joannes. Toen de ouders stierven, was ze minderjarig en woonde bij haar tante. We zijn dan ongeveer 20 jaar verder, en Marie was celibatair (ongehuwd). Ze had een kind van 11 jaar bij zich, Maria Helena Nijsten, dochter van Joannes Nijsten (Catsop) en Maria Elisabetha Houberichs uit Geulle. Maria Helena trouwde met Casparus Salden uit Stein en overleed in Maasmechelen.
Vanaf 1839, toen Marie stierf, kan de woning zijn verkocht aan Theodoor Gijsen. Later kocht Notten het huis, maar het stond al op zijn naam sinds 1833. Dit houdt in dat Theo Gijsen het destijds verhuurde aan Marie Nijsten. In 1833 woonde Jan Joseph Janssen in de andere woning. Hij was getrouwd met Helena Geurts, dochter van Leentje de Wever uit de Daalstraat, een bokkenrijder die terugkeerde. Ze hadden samen een dochter, Cornelia Janssen, en een knecht, Joannes Kindelein, die ook van de Daalstraat kwam en een kleinzoon was van Willem Henske, een bokkenrijder die opgehangen was. Jan Joseph Janssen woonde destijds achter Marie Nijsten, en dat bleef zo. Toen Notten het huis kocht, woonden nog steeds nazaten van Janssen-Geurts in dat huis.
We hebben dus twee bewoners achter elkaar wonen in huizen die vroeger één geheel vormden en later werden gesplitst. Ze gebruikten de gedeelde delen als schuur of stal.

Op de satellietfoto van 2024, teruggebracht naar de situatie van 1820, ziet u waar het huis van Janssen-Geurts lag, aangegeven met de blauwe pijl. U ziet ook het gedeelte van de schuur en de tuin direct achter het huis. Dit vormde vroeger één geheel.
We maken nu sprongen in de tijd naar de komst van Peter Notten en Ida Reijnders van Kelmond naar Catsop in 1866.

Dit is de eerste kadasterlegger van Peter Notten en Ida Reijnders. Hierop is te zien dat hij een hypotheek had en hoe groot het huis is. Daarnaast kunt u zien wat ze aan belasting moesten betalen, namelijk 2 gulden en 7 cent, als ik het goed heb. De belasting werd geheven in 1866, wat aangeeft dat ze het huis waarschijnlijk rond die tijd gekocht hebben.
We hebben een sprong gemaakt in de tijd, maar laten we even teruggaan. In 1883 stierf Petrus Notten op 9 maart op 43-jarige leeftijd, wat relatief jong is. Dit betekent dat er kinderen waren die wees werden, en dat er een Memorie van Successie werd opgesteld. Deze wil ik laten zien om de situatie destijds te verduidelijken en inzicht te geven in hun bezittingen.


Dit is de Memorie van Successie van Peter Notten. Hieruit blijkt dat de kinderen minderjarig waren: de oudste, Maria, was 17 jaar oud en de jongste 5 jaar oud. Ida bleef dus achter met zeven kinderen, wat een zware opgave moet zijn geweest. Vaak werden kinderen onder familieleden verdeeld, maar hier lijkt Ida zelf de voogdij te hebben behouden. We kunnen dit echter niet met zekerheid zeggen of ze de kinderen bij haar zelf heeft gehouden.
Daarnaast geeft de memorie inzicht in de namen van de kinderen. Zo wordt Hubertus bijvoorbeeld Hoebair en Godfriedus wordt Frits. Ook zien we dat het huis op het huidige adres Het Einde 12 staat, kadastraal bekend als B 1118, met een tuin erachter, B 1784. Alles werd door de helft gedeeld: de kinderen kregen de helft en Ida Reijnders de andere helft. Omdat de kinderen minderjarig waren, hield Ida het huis onder vruchtgebruik.
Peter Notten had ook nog roerende goederen: zijn kleren werden geschat op 10 gulden, de helft van de huismeubelen op 20 gulden, en de helft van het resterende geld op 15 gulden. De begrafeniskosten van 45 gulden waren al van het bedrag afgetrokken.
Vanaf nu richten we ons op de kinderen van Peter en Ida en bekijken we wie er naast hen woonden, wat er in de loop der tijd veranderde, en wat er allemaal gebeurde vanaf 1866. Dit zal ik het beste kunnen laten zien aan de hand van bevolkingsregisters.

Bevolkingsregister vanaf 1881: dit zijn enkele jaren nadat de familie in de woning trok. We zullen de kinderen van Peter en Ida nalopen.
- Peter Notten was het hoofd van de familie. Hij was geboren in Urmond en werkte als dagloner. Het adres was aanvankelijk Catsop 16, later C29, en nu is het Het Einde 12. Hij overleed op 19 maart 1883.
- Ida Reijnders werd geboren in Meerssen, niet in Beek. Ze overleed op 3 oktober 1902.
- Maria Margaretha Notten, de eerste dochter, werd geboren op 29 maart 1866 (in het register staat 27 maart). Ze ging werken in Bunde en werd uitgeschreven uit Elsloo op 6 november 1882.
- Maria Helena, de tweede dochter, werd geboren op 19 april 1868.
- Maria Elisabeth, de derde dochter, werd geboren op 13 augustus 1869. Ze ging werken in Spaubeek en werd uitgeschreven op 6 december 1889.
- Maria Cornelia, de vierde dochter, werd geboren op 4 juni 1871. Ze ging werken in Maastricht en werd uitgeschreven op 1 december 1891.
- Peter Hubert (Hoebair) Notten, de eerste zoon, werd geboren op 29 juli 1873. Hij werd later hoofd van zijn familie en trouwde op 13 april 1900 met M.C. Beckers. Hij woonde ook op dit adres.
- Godfriedus (Frits) Notten, de tweede zoon, werd geboren op 7 april 1876. Hij werd ook hoofd van zijn familie en trouwde op 4 augustus 1905 met M.E. Reubsaet. Hij woonde eveneens op hetzelfde adres.
- Maria Mechtidis, de laatste dochter, werd geboren op 19 november 1878. Ze ging werken in Beek en werd uitgeschreven op 12 december 1902.
In het bevolkingsregister is te zien dat deze gegevens zijn doorgehaald, wat wijst op een opvolger in het register (BR 1890). Wat opvalt, is dat zowel Hoebair (Peter Hubert) als Frits (Godfriedus) op dit adres woonden, mogelijk omdat hun vader was overleden en zij het huis overnamen en verdeelden.
Het volgende bevolkingsregister toont een andere huisbezetting.

Bevolkingsregister vanaf 1890:
Ida stond aanvankelijk nog als hoofd van de familie vermeld, dus we zitten nog in de periode vóór 1906. Ida woonde toen nog in haar huis C29. Peter Hubert (Houbair) Notten was ondergebracht in een ander bevolkingsregister; hij woonde eerst in oud Elsloo, maar keerde rond 1906 terug, wat ik apart zal behandelen, net als de anderen die in Catsop zijn gebleven.
Frits Notten woonde al eerder op Het Einde en kreeg het adres C30, dus naast zijn moeder Ida, die op C29 woonde. Waar Frits eerst gewoond heeft, is voor mij onduidelijk. Het lijkt C64 te zijn, wat waarschijnlijk ook in Catsop is, ergens op den dries, mogelijk tijdens een verbouwing. Zijn kinderen werden wel op Het Einde geboren, want hij woonde in 1906 op C30, en zijn broer Houbair ook vanaf die datum. Onder Maria Elisabeth Reubsaet staan hun eerste kinderen met Frits Notten vermeld: Peter Hubert, Mathijs (overleden), Louis Hubert, en Maria Elisabeth. De andere kinderen werden in de Daalstraat geboren, in het geboortehuis van Maria Elisabeth Reubsaet.
- Maria Mechtidis (Mechel), op nummer 4 van het bevolkingsregister, ging werken in Beek. Ze keerde later terug naar Catsop, trouwde met Sjaak Reubsaet (een broer van Frits Notten’s vrouw), en ging op het Mergelakker wonen.
- Maria Cornelia, op nummer 5, staat er twee keer op. Ze werkte in Maastricht, keerde terug, trouwde met Drick Engelen, en ging op Het Einde C39 wonen.
- Maria Hubertina Notten, op nummer 6, staat vermeld als nicht en kleinkind. Ze heeft bij haar grootmoeder gewoond. Ze is een dochter van de oudste Maria Notten, die in 1904 in Maastricht trouwde. Maria Hubertina bleef echter in Catsop, groeide daar op, en vertrok nooit meer. Later woonde ze schuin aan de overkant van dit huis, dus ze bleef dicht bij haar roots.
Om de woonplaatsen van Frits Notten en Houbair Notten duidelijker te maken, heb ik een kadasterhulpkaart van 1906.
Kadasterhulpkaart van 1906:
Op de kaart is te zien waar de huizen zich bevonden, met de aanduiding van de verschillende adressen. Deze kaart helpt bij het verduidelijken van de locaties waar de familieleden woonden, vooral gezien de veranderingen in huisnummers en eigendommen door de jaren heen.
Dit geeft een goed overzicht van de bezittingen en de locaties van de familie Notten in Catsop, vanaf de late 19e eeuw tot de vroege 20e eeuw.

Kadasterhulpkaart 1906
Op de kadasterhulpkaart van 1906 zien we de weg Het Einde en de eigendommen op de huidige nummers 12 en 14.
Eigendom van Hoebair Notten:
- B 1903: de tuin, gesplitst in twee stukken.
- B 1905: de oude woning.
- B 1907: zijn stal, eveneens gesplitst.
Dit wijst erop dat de voormalige woning van Andrie Janssen, die vóór de Franse tijd hier woonde, eerst werd gesplitst in woning, schuur en stallen, en later weer werd gebruikt als woning en stallen.
Eigendom van Frits Notten:
- B 1902: de tuin.
- B 1906: de woning.
Ze hadden meer eigendommen, zoals land en boomgaarden. De oude nummers zijn ook zichtbaar: B 1118 en B 1117 (Janssen), en de tuin B 1784. Johannes Janssen woonde achter Houbair Notten en is nog steeds een nazaat van Jan Jozef Janssen-Geurts uit de telling van ongeveer 1825.
Overzicht van de kinderen van Peter Notten en Ida Reijnders:
- Maria Margaretha Notten
- Geboren op 29 maart 1866 in Catsop, Limburg, Nederland.
- Gedoopt op 29 maart 1866 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland.
- Overleden op 25 juni 1927 in Maastricht, Limburg, Nederland, 61 jaar oud.
- Getrouwd met Joannes Leonardus Lemmens op 4 september 1901 in Maastricht, Limburg, Nederland, 35 jaar oud. En kreeg nog drie kinderen.
- Maria Helena Notten
- Geboren op 19 april 1868 in Catsop, Limburg, Nederland.
- Gedoopt op 19 april 1868 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland.
- Overleden op 5 november 1932 in Kelmond, (Beek), Limburg, Nederland, 64 jaar oud.
- Getrouwd met Gerardus Hubertus Louis Vroomen op 15 november 1895 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland, 27 jaar oud.
- Kerkelijk huwelijk op 19 november 1895 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland, 27 jaar oud.
- Maria Elisabeth Notten
- Geboren op 13 augustus 1869 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland.
- Overleden op 23 juni 1947 in Maastricht, Limburg, Nederland, 77 jaar oud.
- Getrouwd met Joannes Leonardus Reaven op 26 juni 1895 in Maastricht, Limburg, Nederland, 25 jaar oud.
- Maria Cornelia Notten

Maria Cornelia Notten
Maria Cornelia gaf haar moeder haar roepnaam, dus het zal Tien geweest kunnen zijn.
- Geboren op 4 juni 1871 in Catsop, Limburg, Nederland.
- Gedoopt op 4 juni 1871 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland.
- Overleden op 3 september 1910 in Catsop, Limburg, Nederland, op 39-jarige leeftijd.
- Begraven op 3 september 1910 in Catsop-Elsloo (Stein), Limburg, Nederland.
- Getrouwd met Hendrik Engelen op 2 december 1904 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland, op 33-jarige leeftijd.
- Kerkelijk huwelijk op 3 december 1904 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland.
Ik heb al een deel gemaakt over dit koppel. U kunt dat inzien via de onderstaande link: Drik Engelen en Maria Cornelia Notten en hun nazaten woonden aan het einde van de straat op het einde in Catsop.
5 Peter Hubert Notten
- Geboren op 29 juli 1873 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland.
- Gedoopt op 29 juli 1873 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland.
- Beroep: vanaf 13 april 1900 arbeider.
- Overleden op 30 maart 1945 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland, op 71-jarige leeftijd.
- Getrouwd met Maria Catharina Beckers op 13 april 1900 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland, op 26-jarige leeftijd.
- Kerkelijk huwelijk op 18 april 1900 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland, op 26-jarige leeftijd.

Houbair Notten en Marie Cathrein Beckers
6 Godfried Notten
Ze zijn in de kerk getrouwd op 10 augustus 1905 te Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland, hij was toen 29 jaar oud.
Geboren op 7 april 1876 in Catsop.
Gedoopt op 7 april 1876 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland.
Overleden op 27 januari 1928 in Maastricht, Limburg, Nederland, op 51-jarige leeftijd, in het Calvariënberg-ziekenhuis.
Begrafenisdatum: 30 januari 1928.
Begraven op 30 januari 1928 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland.
Gehuwd met Maria Elisabeth Reubsaet op 4 augustus 1905 te Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland, hij was toen 29 jaar oud.
7 Maria Mechtildis Notten (Mathilda)
Peter Hubert Notten en Maria Catharina Beckers
Godfried Notten
- Geboren op 7 april 1876 in Catsop, Limburg, Nederland.
- Gedoopt op 7 april 1876 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland.
- Overleden op 27 januari 1928 in Maastricht, Limburg, Nederland, op 51-jarige leeftijd.
- Overleden in het Calvariënberg-ziekenhuis in Maastricht.
- Begraven op 30 januari 1928 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland.
- Getrouwd met Maria Elisabeth Reubsaet op 4 augustus 1905 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland, op 29-jarige leeftijd.
- Kerkelijk huwelijk op 10 augustus 1905 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland, op 29-jarige leeftijd.
Maria Mechtildis Notten (Mathilda)

Mecheldis Notten (Mathilda)
- Geboren op 19 november 1878 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland.
- Gedoopt op 19 november 1878 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland.
- Overleden op 27 juli 1940 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland, op 61-jarige leeftijd.
- Begraven op 30 juli 1940 in Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland.


Zij is getrouwd met Gerard Jacob Reubsaet.
- Zij zijn getrouwd op 21 april 1911 te Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland, zij was toen 32 jaar oud.
- Ze zijn in de kerk getrouwd op 26 april 1911 te Elsloo, (Stein), Limburg, Nederland, zij was toen 32 jaar oud.
Ik wil iedereen hartelijk bedanken voor de informatie en documentatie die ik gekregen heb.
Dank je wel!!!
LikeGeliked door 1 persoon