Eerste garage Catsop-Elsloo

A
garage van autobusbedrijf Collard lag op Het Einde, nu  nr. 8. Dit huis is een paar keer verbouwd. Werd vroeger aangeduid met ‘sectie- nummer C17’ met als adres ‘Eindstraat 17’ .

kasaterkaart voor 1900Deze kaart is van  1833  op kadasternummer 434 is het nummer nu het einde 8 vroeger C17 en van Collard

kaart 1970

Ongeveer de huidige situatie 3012 is nu nummer 8 en de kaart is ongeveer van 1950

De eigenaar van toen en tevens garage houder was mijn overgrootvader Theodoor Collard zijn dochter Tru Collard de oudste uit het gezin Collard-Hendriks en is mijn oma heeft dit huis ongeveer rond 1927 overgenomen en in de jaren dertig nog eens verbouwd. En zij organiseerde ook verschillende bus reizen maar dat komt in deel 2

Onderstaand: de inschrijving van het busbedrijf in het register van de Kamer van koophandel.

collars kamer van koop handel (2)
handtekening

Te lezen valt dat het bedrijf in 1924 is opgericht en in 1934 is opgeheven. De in de benaming genoemde zoon – zo stond het ook in de krant van 1924 – is Lei Collard (1906-1999). Hij zou het bedrijf na de vroegtijdige dood van zijn vader ook voortzetten. Meerdere zussen van Lei, waaronder oma Tru werden ingezet als conductrice.

Lei Collard was 18 jaar toen het gezin naar Beek vertrok. Uit de stamboom blijkt dat verschillende kinderen elders zijn geboren, b.v. in Kevelaer en Satzvey (gem. Mechermich). Dat wijst er op dat Theodoor Collard ‘brikkebekker’ was en de p[aats Satzvey wijst er op dat ze daar bieten gingen rooien, Catsop voor bepaalde tijd verliet en dan weer terug kwam. Na 1900 zijn alle kinderen in Catsop geboren.

Oma Tru, in 1917 gehuwd met Frans Joseph  Smeets, woonde tezamen met haar gezin – waaronder mijn vader Theo, geb. 1919 te Catsop  daarover later meer

eerste Elsloose garage


Bovenstaande advertentie heeft betrekking op de route Elsloo-Beek-Sittard we zien een tijdsaanduiding wat in deze tijd niet zou kloppen b.v. 1.15 zal wel 13.15 nu zijn en de cafés waren in trek als op stap plaatsen  dus er waren geen bus haltes. Theodoor Collard had de route overgenomen van Cartigny uit Sittard .In ieder geval was Cartigny een inspirator voor anderen om ook een lijndienst te beginnen. Zo stuurde Martin Kerckhoffs zijn broer Pierre A. Kerckhoffs er op uit om een bus te kopen in Ridderkerk voor 750 gulden. Dit was een Ford omnibus met een houten carrosserie voor 14 personen. Volgens de  overlevering bedacht zich Pierre op de terugweg  en hield de bus voor zich zelf.

05-11-1923 eerste lijndienst Cartigny

05-11-1923

26-02-1924 Cartigny stopzetten

26-02-1924 in deze advertentie zet Cartigny zijn dienst stop

1923 saurer bus cartigny

29-11-1923 verkoopt Cartigny een bus

omnibus

In bovenstaande advertentie ( november 1923) biedt Cartigny zijn bus te koop aan. Of het de bus betreft waarmee de lijndienst werd uitgevoerd is onduidelijk; een nadere bus ten name van dit bedrijf heb ik niet gevonden. Dat zou betekenen dat deze bus nog geen maand in gebruik is geweest. Cartigny had ook een garagebedrijf; het kan dus zijn dat er een bus te koop is aangeboden die om andere reden zijn bezit was. Zo reed het bedrijf ook met een personen wagen heen en weer naar Keulen. Uit informatie van onder meer de familie Cartigny is gebleken het busbedrijf is beëindigd omdat de bezetting te laag was. Een genoemde reden: als hij b.v. mensen van de markt van Sittard naar Geleen of Beek wilde vervoeren die eieren hadden gekocht waren zij bang dat deze kapot waren als ze thuis waren de laatste rit wat hij maakte was van de markt in Sittard naar de kolleberg hij had wortelen geladen voor dat hij op de bestemming was hadden passagiers deze er uit gegooid en was de maat vol voor hem . Dat kwam vooral ook doordat toen nog geen of geen goede  luchtbanden waren en de wegen in slechte staat waren. In de advertentie van Collard hierboven valt te lezen dat zijn bus is uitgerust met ‘vaste banden’. Dat duidt er op dat er wel al luchtbanden waren. Uit een verslag van Simon stond geschreven dat je de bussen van ver zag aan komen door de stofwolken.Wat ook opvalt is de keuze van deze dienst het was bijna Sint Lucia feest op 13 december in Beek en dan zou hij veel klandizie kunnen krijgen

garage cartigny 1
garage Cartigny Sittard

Dit is de garage Cartigny. Aan de achterkant is een chassis met motor te zien. In deze staat werden zij  bij de haven opgehaald en vervolgens naar een carrosseriebouwer gebracht je kan je wel voorstellen dat dit hachelijke ritten moeten geweest zijn een nazaat van Cartigny vertelde me dat ze die chauffeurs er vanaf moesten tillen helemaal verkleumd. Veel van deze carrosserieën werden gemaakt bij Well en Gourke te Heerlen, maar er waren meerder bedrijven (‘wagenmakers’) voor dit werk. Mijn vader Theo Smeets 25 jaar trouwe dienst bij de EBAD had dit zelf ook nog meegemaakt in de jaren vijftig toen brachten ze bussen naar Kusters ze kregen dan een leren jas met helm en bril als bescherming.

1 A eerste werk plaats Heerlen

Well en Gourke Heerlen (foto Hub Rekko)

Kusters

Foto Jeroen Heetkamp

1952-kusters-bussing-ebad-6_585_369_90

1952 Kusters deze bussen waren betsemd voor de EBAD (foto Jeroen Heetkamp)

De meest voertuigen die in de begin jaren twintig  als bus werden gebruikt waren voertuigen uit de eerste wereld oorlog; onderstaand een voorbeeld is een bus van Demandt, meestal Ford omnibussen (‘bussen voor iedereen’ later veranderd in ‘autobus’).

Demandt.

Demandt met zijn eerste bus 1924 (foto Hub Rekko)

Ford_ kerkhofs

Deze foto staat op naam van Demandt Ford Bus dit zou kunnen want hij reed deze route (foto Hub Rekko)

Deze twee advertenties laat zien van dat Alphons Demandt op ongeveer op dezelfde tijd (11-2-1924) als Collard reed; Collard reed toen al via een andere route naar Sittard. Maar een is van  garage internationaal en de andere van Garage Demandt maar het telefoon nummer 55 is van hem .

13-12-1923 kerchofs

Deze advertentie is van 13-12-1923. Kerckhoffs reed dus enekel maanden eerder dan Collard,  maar had ook een andere route. Dus, zo leek het, was er klandizie genoeg.

In november 1924 beginnen de eerste provinciale keuringen en werden twee bussen voor collard gekeurd .

Een Chevorletbus met kenteken P7800 en een Ford bus met kenteken P 7999 deze worden in 1926 uit dienst genomen .

1925 advertentieHij gaat wonen aan de Prins Mauritslaan 22 te Beek, eerder garage Driessen ( nu: de parkeerplaats van Linders). Er tegenover lag het Parkhotel, nu appartementencomplex.

parkhotel
maastrichterlaan 1947 beek

Dan zou links de garage van de Collard hebben gelegen  foto uit 1947 maastrichterlaan 22 (foto heemkunde Beek )

De eerste Chevrolet bus van de firma collard met kenteken P7800 voor hun garage in Beek mauritslaan

Begin Februari 1926 worden de Chevorlet en Ford afgekeurd er word een andere Ford gekeurd en krijgt het kenteken van de Chevorlet P 7800 en deze bus word overgenomen van Demolin . Maar in mei 1926 word ook deze ook afgekeurd en tot september 1926 is de ford bus met kenteken P 10355 de enige bus van de Collard . Maar deze word ook weer in hetzelde jaar afgekeurd en word vervangen door weer een Ford bus met kenteken P 11853 . En in november 1926 komt er Berliet bus er bij en beschikt Collard weer over twee bussen Berliet bus had het kenteken P 10355

Maessen_Augusta jpg

Foto: ook een Chevrolet bus van Maessen  met als chauffeur de heer Collaris   (foto Hub Rekko)

De bedrijven van Demandt en Collard zijn op enig moment samengevoegd maar voor het zover was is van alles in de buswereld van Beek gebeurd; de concurrentie was moordend en iedereen wilde als eerste op sommige plaatsen zijn of net iets goedkoper om aldus de meeste passagiers in de bus te krijgen. De Wet openbare vervoermiddelen uit 1880 voorzag hier niet in. Passende anekdote: Collard had achter op de bus een bordje met de tekst: Al is de Demandt nog zo snel de Collard achterhaalt hem wel.

18-12-1926 route

Zie bovenstaande advertentie: Maessen en Collard  vragen een vergunning aan voor een tweetal lijnen tussen Sittard en Maastricht.

Die dienstregelingen worden steeds gewijzigd omdat iedereen steeds vroeger op een bepaalde plek wilde  zijn, net iets eerder dan de concurrent.

In 1926 word niet alleen de rijksweg geasfalteerd maar is ook een provinciale vergunning nodig om passagiers over te vervoeren.  Garage Spronck valt af. De overige vier worden aangespoord tot samenwerking. Dit resulteert op 14 april 1927 tot de Zuid -Limburgse Autobusdienst (ZLAD Demandt /Collard ) en er komt een controleur. Dus ieder busbedrijf krijgt zijn deel en de kaartjes gelden voor iedere maatschappij.Verenigde Autobusdienst-Central (VAD-Central Kerckhoffs/Maessen

 

JK-kl032-fotos-003-P-15191

Z.L.A.D. Lei Collard  met een N.A G. Imparator (nog geen startmotor, moest aangezwengeld worden) met kenteken  P-15191.Deze bus word in 1934 overgenomen door J. Maessen.  deze bus had motornummer 55236 Collard had deze gekocht in 1930 nieuw en deze bus had een capiciteit van 33 pk (foto Simon de Raadt)

aanswengelen

een voorbeeld van het aanzwengelen van een bus uit 1933 (foto Guus Smeets)

1934 35 overgenomen door Maessengekocht in 1930 door Collard

Dit is de zelfde bus NAG imparator maar duidelijk is hier het kenteken te zien. (foto Collard) Deze bus word in 1930 gekocht en had het kenteken P 15191

Bushalte Engelenkampstraat Sittard

Een typerend beeld van de jaren dertig te Sittard: tram, taxi en rechtsachter de Nag imparator van Z.L.A.D-Central.

vad

V.A.D. Maessen=Kerchoffs (foto RHC)

berliet bussen 1927

In 1927 vraagt Collard een chauffeur voor een Berliet bus

1926 Maassen Beek. 22 zitpl. Berliet-van Well Gourke dit zou de eerste gebouwde bus zijn.[1]

Dit is een Berliet bus;  het zou de eerste carrosserie zijn, gebouwd bij van Well en Gourke voor Maessen. 1926  (foto Hub Rekko)

In december 1927 komt er een derde bus er bij wederom een Berliet bij Collard kenteken P 12826 .En in 1928 volgt er weer een nieuwe bus ditmaal een Studebaker P 13817 . Begin Juni 1928 word er een ford bus afgekeurd waardoor het aantal dienstbussen weer op drie komt. In november 1928 wordt het matrieel uitgebreid met een GMC afkomstig van Fisette met kenteken P 14554

brand 04-12-1928

04-12-1928

Deze bus was de Berliet bus met kenteken P 12826 daardoor werd het aantal bussen weer terug gebracht op drie

05=05-1928

05-05-1928 de vergunning is goed gekeurd

NLUtADV_DRkl_0004392-REO.jpg

Collard kocht in 1929 zijn eerste REO (Canadees merk) met kenteken P-10355 motornummer 10876   capiciteit 22 pk ter vervanging van de Berliet P 10355 .

NLUtADV_DRkl_0004390-P-4654

Ook deze GMC (General Motors Company) met kenteken P-14554 werd aangekocht in 1928.  Op de foto Lei Collard deze bus werd gekocht bij Fisette Maastricht

NLUtADV_DRkl_0004391-P-4654
Op 3 november 1931 brand weer een bus van Collard uit .Dit moet de Studebaker P11853 zijn geweest die is vervangen door deze bus op de foto wederom een GMC via Fisette dit was een gebruikte bus kenteken P 7800
NLUtADV_DRkl_0004389-P-8928

Dit is een Studebaker staat telefoonnummer op 55 dit nummer was van garage Internationaal Beek. Collard had er hier twee van deze bussen de tweede die ze overnamen was van vd.Biesen met kenteken P 10355

NLUtADV_DRkl_0004388-P-8928

Studebaker . Martin Colaris dan Alphons Augustus (zwager directeur) en conducteur Teun Sanders .

 

Op 3 november 1931 brandt andermaal een autobus van Collard uit dit moet de studebaker P 11853 zijn geweest daar komt GMC voor in de plaats

 

JK-kl032-fotos-002-P-13817

Deze bus een R.E.O met kenteken P-13817 is aan gekocht door Collard in 1929 en weer verkocht in 1934 aan Demandt de foto is gemaakt in Koningswinter linksboven op het spatbord is Sjaak Collard monteur en schauffeur  bij de garage Collard 

Koningswinter 1932 achterkant foto

Achterkant foto   

Er volgt onderstaand een aantal foto’s van de Collard bussen. Sommige merken en veel personen zijn onbekend. Te lezen valt dat men ook naar het buitenland reisde.

clemens 5

foto Bus Collard

rechts clemens genummerdRechts Huub Clemens getrouwd met Tilla Collard met  de G.M.C. Clemens was ook chauffeur

1931

Uit de foto blijkt dat er ook een Buick is aangekocht; de tenaamstelling van het bedrijf is thans Th.Collard –Hendriks. Deze Buick krijgt het kenteken van de uitgebrande G.M.C  P-14554 

fissette garage buick
buick genummerd

Foto Buick van Collard

Het bedrijf waar Collard in 1931 deze BUICK kocht

wie gaat er mee naar kevelair 1932

Advertentie van 1932. Firma Collard  is verhuisd naar Prins Mauritslaan 60 a (naast bakkerij Gerards, thans Mondzorg Mauritslaan). U ziet ook  verschillende familieleden van Th.Collard -Hendriks het zijn allemaal dochters van hun die mee doen voor klandizie

clemens 10

Garage Collard lag ongeveer waar nu de tandartspraktijk is mauritslaan

overgrootmoeder collard met tilla en tru

Links Maria Eilsabeth Collard -Hendriks en dan Tilla Collard en rechts Tru Collard voor het de garage het logo staat nog op de ruit

De maandkaart van de garage Collard knipkaart .

foto 4foto midden tweede rijrechtop staand is  Sjaak Collard

foto 6

Deze foto’s zijn gemaakt in de Eifel  bij de stuwdam STUWDAM VAN DE GILEPPE (foto Collard) en achter in de bus Sjaak Collard

foto 5

Van deze bus ontbreekt mij aan gegevens Lei Collard staat helemaal rechts .(foto Collard)

16-02-1933 trein autobus

26-2-1933 word er nog een speciaal voertuig aan gekocht

een foto van een dergelijke combinatie van de Tramweg Maatschappij Groningen – Paterswolde – Eelde uit 1931.
Het merk van de trekker was Chenard & Walker en van de oplegger Beers.
Ook in Gelderland hebben dergelijke combinaties gereden, o.a. bij Toonen in Nijmegen en bij Karel Wolf in Arnhem.
Mocht Collard die combinatie 2e hands gekocht hebben dan zou  dat mogelijk bij een van hen geweest kunnen zijn.


Maar in ieder geval is het het meest waarschijnlijk dat ook de combinatie van Collard van het merk Chenard & Walker / Beers

In 1933 het overlijden van Th.Collard en zal alles veranderen in de busonderneming Collard

Danksagung Mutter Collard
29-06-1933 samenwerking Demand -Collard

29-06-1933  Zoon Lei Collard doet een aanvraag tot overdracht van de autobusdienst.

aankondiging 30-06 - 1934 demand samenwerking

Op 30-06-1934 wordt de vergunning verleend. Overige erfgenamen van Th. Collard kunnen (dus) geen rechten meer claimen.

schuldeisers 1934

1934 de firma Th.Collard wordt ontbonden .

getekende

Bovenstaand een document van de Kamer van Koophandel waar de ontbinding van de Firma Collard een feit wordt; alle erfgenamen hebben getekend.

5-03-1938 vado Beek garage
op 03-07-1934 word op verzoek van mijn opa alles te koop aan geboeden
09-06 1934 word er toch nog steeds met de touringcars gereden door Lei en Sjaak Collard .Deze Sjaak was een broer van Lei en was monteur en chaufeur en is op zeer jonge leeftijd overleden

                                                                                                                                                                                                                                            De Ford wordt begin juni 1928 afgekeurd, waarmee het aantal dienstbussen weer op drie komt.                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                       

In november 1928 wordt het materieel uitgebreid met een GMC, afkomstig van Fisette:                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                       

Th. Collard          1928                                      P 14554                                GMC                                                    Buick     2008698                                                                              22/4       1934      N. Fissette                                                        

Op 4 december 1928 vliegt Berliet P 12826 in brand en brandt daarbij volledig uit. Dit was daags na of op dezelfde dag dat deze weer voor een periode van 3 maanden was goedgekeurd.                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                 

Daardoor werd het aantal dienstbussen van Collard weer teruggebracht tot drie.                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                      

Begin september 1929 wordt de andere Berliet (P 10355) vervangen door een REO, die eveneens dit kenteken krijgt.                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                            

Th. Collard          1929                                      P 10355                                REO                                                                      10876                                                                   20           1934                                                                    

En in oktober 1929 wordt het wagenpark uitgebreid met een 2e Studebaker, die werd overgenomen van vd Biesen:                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                               

Th. Collard          1929                                      P 11853                                Studebaker                                                                       37439                                                                   21/4       1931-11-03         H. vd Biesen       uitgebrand                                        

In december 1930 wordt een nieuwe N.A.G. in dienst gesteld. Studebaker P 13817 komt vanaf toen niet meer op de keuringslijsten voor en werd toen dus afgevoerd.                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                     

Th. Collard          1930                                      P 15191                                N.A.G.                                                 N.A.G.  55236                                                                   33/2       1934                      J.H. Maassen     Imperator                         

Op 3 november 1931 brandt andermaal een autobus van Collard volledig uit. Dit moet Studebaker P 11853 zijn geweest, die in augustus 1931 nog weer voor een periode van 3 maanden werd goedgekeurd, maar in november niet meer voor de keuring verschijnt (en later evenmin).                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                

Ter vervanging daarvan wordt via Fisette en gebruikte GMC aangeschaft:                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                     

Th. Collard          1932                                      P 7800                  GMC                     T42D 1817           1929                      2356093                               De Bruijn                                            25           1934      N. Fissette          In ’36 bij Mainz en Custers                                         

In februari 1933 wordt nog een trekker met oplegger tbv mijnwerkersvervoer aangeschaft.                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                

Aangezien die niet voor de reguliere lijndienst was bestemd viel die niet onder de keuringsvoorschriften en komt dus niet op de keuringslijsten voor.                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                          

Ook touringcars die niet op de lijndienst werden ingezet vielen niet onder de keuringsvoorschriften, zodat vermoedelijk niet alle touringcars van Collard bekend zijn.                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                   

Wel bekend is de volgende Diamond:                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             

Th. Collard                                                         P 13817                                REO                                                                                                                                                     22           1934                      J.A. Demandt?                                 

Het kenteken van deze Diamond werd voorheen gedragen door een Studebaker die tussen oktober 1930 en december 1930 werd afgevoerd. De Diamond moet dus van daarna dateren.                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                    

In een advertentie is spraken van touringcars van 15 tot 35 personen. Deze touringcars zijn dus niet terug gevonden.                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                            

Op 10 mei 1933 overlijdt Th. Collard.                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                               

Het was de bedoeling dat zijn zoon, L. Collard het bedrijf zou voortzetten.                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                    

De in 1927 verkregen vergunning wordt nu overgeschreven op naam van J.A. Demandt en L.J.A. Collard.                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                        

Echter de overige kinderen eisen hun rechtmatig erfdeel op, waardoor de onderneming moet worden verkocht.                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                      

De vergunning voor de lijndienst Sittard – Beek – Maastricht wordt verkocht aan partner Demandt en door GS van Limburg eind juni 1934 op diens naam overgeschreven.                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                          

Op 9 juli 1934 worden op verzoek van de familie Th. Collard (zijnde de erven) alle bezittingen, zowel onroerende als roerende goederen, openbaar verkocht.                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                       

En op 8 oktober 1934 wordt, ingevolge een beschikking van de kantonrechter, het nog aanwezige autobusmaterieel openbaar verkocht, zijnde: Een N.A.G. met 33 zitplaatsen. Dit is dus de P 15191. De GMC met 23 zitplaatsen was naar alle waarschijnlijkheid de P 14554; het GMC-chassis was vermoedelijk dat van de P 7800. De N.A.G. werd gekocht door J.H. Maassen en bleef derhalve dienst doen op de lijn Sittard – Beek – Maastricht. De REO P 13817 zou gekocht zijn door J.A. Demandt, maar is daar niet terug te vinden (logisch indien deze als touringcar in gebruik bleef). Ook de andere REO is niet terug gevonden, noch bij Demandt, noch bij een andere ondernemer.  Waar GMC P 14554 gebleven is is niet bekend. GMC P 7800 duikt in 1936 op bij Mainz en Custers in Gulpen met een 25-persoons carrosserie van De Bruijn.NB Een GMC P 4654 is in geen enkele Limburgse keuringslijst te vinden. Het kenteken P 4654 evenmin. REO met 22 zitplaatsen. Dit is of de P 13817, een Touringcar die niet voor de lijndienst werd gebruikt en derhalve niet onder de keuringseisen viel, of de P 10355, die oorspronkelijk 20 zitplaatsen had, maar waarvan dat aantal in mei 1932 met 2 was uitgebreid.                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                       Een GMC met 23 zitplaatsen en een GMC-chassis.

          
           
                 
  
                  
            
             
    
          
                      
              
                      
op 06-10-1934 worden de bussen te koop aan geboden .

05-03-1938 word de naam Collard nog eens gebruikt net voor deze naam ook veranderd in E.B.A.D

het begin van de ebad

het begin van de E.B.A.D 1938 mijn vader had deze foto  nog in zijn album met nog vele andere waar ik in deel 2 wat meer ga vertellen .

Mijn grote dank gaat uit naar Kees van Schenk Brill voor de aanvullende informatie Leon Collard Fam. Clemens Jhon Veerkamp Hub Rekko Wiel Mesters

Ties Lemmens en nazaat Godfried Lemmens en Elisabeht Bours

wiel-van-mulken-2.jpg

Ik heb deze stamboom zoals jullie zien van Wiel Van Mulken en maak ik daar graag gebruik van.

Wiel is getrouwd met Corrie Lemmens ook van Catsop en is een zus van Jo Lemmens een van de laatste nazaat van deze familie die deze naam droeg in Catsop en is onlangs overleden maar daar tussen in is er van alles gebeurt met de familie Lemmens en ga ik eerst de voor ouders behandelen van hun en dan komen de families wat in Catsop zijn gebleven aan de orde. De gehele stamboom van Wiel en u ziet dat deze familie al rond 1700 in Catsop zijn gaan wonen zal ik er straks bij plaatsen.

Deze afbeelding heeft een leeg alt atribuut; de bestandsnaam is image-17.png

Het voorgaande wordt bevestigd door de registers met betrekking tot het huis (de gicht) – zie hieronder – waarbij wordt verwezen naar Houb Lemmens en Lucia Penders toen zij naar Catsop kwamen en een woning erfden. Het betreft het huis waar Lucia Lemmens’ grootouders, Houb Lemmens en Lucia Penders, zich vestigden. Het is belangrijk op te merken dat de gicht stamt uit het jaar 1716. Uit de gegevens blijkt dat Houb Lemmens een huis erft van iemand met de naam Clermonts, wat erop wijst dat zij destijds in Catsop woonden, wellicht in de Daalstraat.

Deze afbeelding heeft een leeg alt atribuut; de bestandsnaam is image-19.png

Deze afbeelding heeft een leeg alt atribuut; de bestandsnaam is image-18.png

Gicht uit 1716

Op huijden den 7 april 1716 overmits Huberti & Lenaerts scepenen tot Elsloo is gecompareert Claes Clermonts van Meers in ehe stoel met Christina Jansen, sigh sterck maeckende voor sijnen swaeger Derck van Denvoy in ehe met Jenne Clermonts, Hendrick Clermonts weduwenaer van Helen Marten, beijde oock caveerende voor haeren swaeger Dirik Wijnen in ehe stoel met Maria Clermonts zijnde een partie, Gelaud Clermonts van Steijn in ehe stoel met Catrijn Alberts, sigh sterck maeckende voor Martijn Tonnon in ehe stoel met Jenne Aerts, sigh sterck maeckende voor Maximiliaen Smets in ehe stoel met Joanna Clermonts, den voors(chreven) Gelaud Clermonts sigh oock sterck maeckende voor Hendrick Clermont in ehe stoel met Joanna van Eijll in gevolg haer beijde schriftelijcke volmagt van 2 9br (=november) 1712 (?) aen ons schepenen gethoont dew(elcke) voors(chreven) comparanten

hebben verclaert over te draegen ende te cederen haer huijs, hoff ende weijde gelegen binnen Catsop, groot ontrent … belast mit een vaet roggen erffpacht jaerlijckx aen sijn Ex(cellentie) onsen genadigen Landtheer ende met eenigh servituijt aen partien bekent. Reg(enoten) : ten suijden de erfgen(aemen) Lemmen Claes ende Thijs Ghijsen, ten noorden regen(oten) Laurens Penders achter het velt ende de erfgen(aemen) Engel van Loo, voor hooft naer Elsloo de straet, zijnde verdeilt, los ende vrij ende sulcks

aen Houb Lemmens in ehe stoel met Lucia Penders, present t’selve goedt accepteerende voor seven hondert vijft en seventigh guldens, gods helt 5 st(uijvers), lijcoop landtlijck, bekenndende de overdraegers van coop penningen ijder voor sijn quota voldaen ende betaelt te sijn, sproken voor goede gicht onder obligatie van haere goederen, oversulckx is den voors(chreven) Houb Lemmens ende sijn huijsv(rouwe) in het voors(chreven) erfft gegicht ende gegoeijt, salvo iure domini et cujus libeth.

Vertaling

De erfgenamen van Clermonts hebben een huis in Catsop verkocht aan Houb Lemmens voor 775 gulden, vermeerderd met godshelder (een klein bedrag aan onderhands geld, oorspronkelijk bestemd voor een goed doel) en lijkoop (geld dat oorspronkelijk bedoeld was voor het drinken van een fles wijn bij de verkoop zelf). Helaas vermeldt de akte niet hoe zij in het bezit zijn gekomen van het verkochte perceel. Het zou mogelijk kunnen gaan om een onderhandse verkoop, dus zonder tussenkomst van een notaris of landmeter, door een van de kinderen uit een onverdeelde boedel.

Wat betreft de nabije buren (reingenoten): In de akte wordt melding gemaakt van reingenoten, waaronder Claes Lemmens, Mathijs Gijsen, en Engel van Loo. Ten noorden van het huis van Houb Lemmens woonde naar veronderstelling de broer van Lucia Penders, genaamd Laurens Penders. Hun vader, die smid was in Catsop, was al overleden. Laurens Penders trouwde twee keer en was de schoonvader van Joannes Wanten, de bokkenrijder. Als we de familie Penders in de Daalstraat volgen volgens de Franse telling, komen we uiteindelijk bij Laurens Penders uit, maar dat is pas enkele generaties later.

Deze afbeelding heeft een leeg alt atribuut; de bestandsnaam is screenshot_20230614-105014_chrome.jpg

Deze passage heb ik uitgelicht om aan te tonen dat in het verleden van Elsloo mensen met deze naam aanwezig waren, vooral in het Terhagen. Engel van Loo zou mogelijk Engelbert kunnen zijn, aangezien er destijds niet veel mensen waren met die voornaam. Wat betreft Mathijs Gijsen als reingenoot, er waren destijds veel mensen met die naam, en als je in die tijd de naam “Thies” zou roepen, zouden er waarschijnlijk velen reageren. Interessant genoeg komen we later weer een persoon tegen met de naam Mathijs Gijsen, dus wie weet.

Deze afbeelding heeft een leeg alt atribuut; de bestandsnaam is catsop-enhanced-colorized.jpg

Boerderij Catsop, gebouwd in 1926, vertegenwoordigt een stuk geschiedenis. Catsop heeft gedurende lange tijd dergelijke oude boerderijen behouden, die er rond 1686 vermoedelijk anders uitzagen, rekening houdend met het ontbreken van metselstenen en andere moderne elementen.

Deze boerderijen, die we later op de kaart zullen zien, bestonden uit meerdere kamers (hoff) met bijbehorende tuinen, vaak aangeduid als coelhof of moeshof (moestuin). Ze vormden een geheel, maar waren tegelijkertijd verdeeld onder verschillende buren, die men ‘reingenoten’ noemde. In latere perioden werden er schuren aan toegevoegd, en nog later kozen sommige bewoners ervoor om in deze schuren te gaan wonen. Elke kamer had echter een uitgang naar de straat, vermoedelijk via een pad. Als men aan de straatkant woonde, werd dit aangeduid als ‘hoofd aan de straat’.

Deze afbeelding heeft een leeg alt atribuut; de bestandsnaam is 1686-kadasterkaart-2.jpg

Kadasterkaart 1686: een unieke kaart. Ik heb een poging gewaagd en doe een aanname dat de locatie waar het kruisje staat, mogelijk de plek is waar destijds de familie Lemmens heeft gewoond. Opvallend is het huis waar nu de ijsboerderij (2023) gelegen is; het blauwe dak duidt erop dat dit dak gemaakt is van leisteen, destijds een kostbare aangelegenheid die in Maastricht vaker voorkwam.

Uit een ander gichtregister van 1749 blijkt dat de weduwe van Houb Lemmens bijkoopt. Op dat moment is Houb Lemmens overleden; echter, de overlijdensakte ontbreekt.

Deze afbeelding heeft een leeg alt atribuut; de bestandsnaam is image-20.png

Ten overstaen van dheeren Geurts, Bovens en Roemers, resp(ectie)ve schepenen en secr(eta)ris der Vrije Baronie van Elsloo compareerde op heeden den agthienden december seventhien hondert negen en veertig Mattijs Lemmens, ingeseetene tot Borsem, weduwenaer wijlen Helena Mortels, den welke verclaerden te renuntieeren en afstand te doen van sijne togte, dewelke is hebbende aen de twee volgende stuken lands

waer aff het eerste is aenhaldende aen maete vijfftig cleen roeden. Reijgen(o)ten: ter eenre d’erffgen(amen) Oersfelt, ter andere zijde de wed(uw)e Marten Boovens.

Het tweede stuk groot 36 cleen roeden lands. Reijgen(oten): ter eenre Michiel Bours, ter andere Frenk Martens.

Item een derde gedeelte in huijs en hoff met coolhoff gelegen tot Catsop. Reijgen(o)t(en): ter eenre de wed(uwe) Houb Lemmens, ter andere de wed(uw)e Jan Gijsen, belast met een halff vat rogge jaerlijxen erffpagt aen dheere grave Van Arbarg, alhier uitgeldende,

alle afkomende van wijlen Elisabeth Lemmens, gelijk hij comp(ara)nt renuntieert en afstand doed mits desen aen en in behoeff van des selffs twee soonen, met naemen Hendrik en Claes Lemmens, beijde alhier p(rese)nten ende voon(oemde) togtdoodinge dankbaerlijk accepteerende ten eijnde de selve, daer meede connen doen naer der selver goeddunken en welgevallen, dus togt en eijgendom geconsolideerd en inde voorn(oemde) acceptanten getransmitteert zijnde, soo verclaerden deselve voon(oemde) twee stukken lands en het derden deel in voors(chreven) huijs, hoff en coolhoff gecedeert en getransporteert te hebben, gelijk sij in vollen eijgendom cedeeren en transporteeren mits deesen aen en in behoeff van den eers(aeme) Michiel Gijsen, in huwelijk met Petronella Bovens alhier present en voorn(oemde) twee stukken lands en het 3(de) deel in voorn(oemd) huijs, hoff en coolhoff in coop accepteerende int geheel om en voor de somme van een hondert g(u)l(den)s b(ra)b(an)ts Maeestr(ichter) cours, lijcoop nae landscoop, godshelder vijff st(uijve)r, reelijk op heeden in onse presentie aen de cedenten overgetelt, bekennende mede van den godshelder, lijcoop voldaen te weesen, spreekende mits dien voor goede gigte, cessie en transport, stellende en surrogeerende vervolgens den coper en acceptant over al en der cedenten plaetse steede regt en geregtigheijd, mitsgaders voor alle calengien en ae(n)maeningen, soo binnen als buijten s’jaers, en warandschap doende onder obligatie van der cedenten personen en goederen en verders als nae regten met consent in de realisatie deses waer nodig met constitutie als nae gewoonte, welken volgende is den coper en acceptant hier inne gegigt en gegoed naer deser banke regt, en in hoeden van regt gekeert salvo jure cujus libet. /: was geteekent ende gehantmerkt als volgt:/ merk van Matthijs + Lemmens, niet connende schrijven, Hendrik Lemmens, Claes Lemmens, Mighiel Gijsen, Pieter Bovens, Hendrik Geurts, J.W. Roëmers, sec(reta)ris.

Het betreft twee gebeurtenissen. Na de overlijden van Elisabeth Lemmens werden haar eigendommen geërfd door het echtpaar Matthijs Lemmens en Helena Mortels. Het gaat om 2 stukken grond en 1/3 van een huis met bijbehorende hof en moestuin (coelhof). De breuk van 1/3 duidt op de aanwezigheid van 3 erfgenamen.

Ter verduidelijking: Volgens deze akte is Matthijs Lemmens weduwnaar van Helena Mortels. Na het overlijden van Helena gaan delen van haar bezit naar haar echtgenoot. Hij krijgt het vruchtgebruik (tocht), terwijl de kinderen de naakte eigendom krijgen. De eerste stap, actie 1, is dat Matthijs Lemmens afstand doet van zijn levenslang recht op vruchtgebruik ten gunste van zijn kinderen, bekend als “tochtdoding.” Hierdoor verkrijgen de kinderen zowel de naakte eigendom als het vruchtgebruik van de 2 stukken land en 1/3 van het genoemde huis. Zonder het vruchtgebruik zouden ze het niet zomaar kunnen verkopen of hypothekeren. Actie 2 van de akte omvat de daadwerkelijke verkoop van de 2 stukken land en 1/3 van het huis, de hof en de moestuin aan Michiel Bovens. De kinderen willen dus liquideren.

Uit deze gicht blijkt dat Houb Lemmens is overleden en dat de genoemde familie Lemmens naast hem woonde. Houb Lemmens is ook de echtgenoot van Claes Lemmens, die al aanwezig was in de gicht van 1716, ook in een kamer.

Mathijs Lemmens en Helena Mortels komen oorspronkelijk uit Reckheim. Mathijs is geboren in 1680 in Rijksbaronie Boorsheim (1623-1794, afhankelijk van het graafschap Reckem, Keizerlijk graafschap d’Aspremont-Lynden de Reckem), Minivorstendom. Hij overleed op 27 maart 1766 in Rijksbaronie Boorsheim op 86-jarige leeftijd. Ze trouwden in 1713, toen Mathijs 33 jaar oud was.

Wat betreft de familie Lemmens – Gijsen: Zoon Mathijs Lemmens, broer van Lucia Lemmens, trouwde drie keer. Uit deze familie Lemmens zijn bijvoorbeeld de families Bartels-Lemmens (Gellik), Lemmens-Claessen (Op den Dries), Daemen-Lemmens (Huiveneers), en Van Es-Lemmens (Sjeng, Op den Dries, broer van Maantje van Es) voortgekomen.

De genoemde link verwijst naar een specifieke familie Lemmens, beginnend met een zoon van Mathijs genaamd Godfriedus Lemmens.

Of de vader van Lucia Lemmens, Mathijs Lemmens, in hetzelfde huis woonde als zijn vader Houb Lemmens blijft een aanname. In de Franse telling van 1792 woonde Mathijs echter zeker in de Daalstraat op het adres waar later Collard introk. Er is geen gicht meer gevonden met notaris of landmeter, dus alles kan onderhands zijn gekocht en geregeld.

De woonlocatie tijdens de eerste Franse telling in 1792 wordt vermeld, waar destijds Thies Lemmens, wever, er nog steeds woonde.

Deze afbeelding heeft een leeg alt atribuut; de bestandsnaam is image-21.png

De telling begon onderaan de Daalstraat, bij de kruising van Kempken – Daalstraat zoals die er nu is, zoals beschreven in het voorwoord van de Franse Telling. Bij nummer 135 staat de familie Lemmens, inclusief Lucia Lemmens, die op deze locatie blijft wonen.

Deze afbeelding heeft een leeg alt atribuut; de bestandsnaam is image-22.png

Kadasterkaart 1820 van de Fransen, die ik zal vergelijken met de volkstelling.

Toelichting: In het verleden waren deze woningen en schuren hoogstwaarschijnlijk gebouwd van hout of leem. Volgens de Franse telling bewoonde Jan Tissen-Martens het eerste huis en Mathijs Gijsen, Mechel Martens, en Drick Martens Bokkenrijder, was gevlucht toen zijn vrouw nog zwanger was. En keert hier terug bij zijn dochter.

Voor meer informatie over de Bokkenrijder Drick Martens en zijn familie, kunt u op de volgende link klikken: https://johnve.home.xs4all.nl/AFS_3/A333.html

Deze afbeelding heeft een leeg alt atribuut; de bestandsnaam is image-23.png

Huidige situatie in 2022: Aan de rechterzijde is later een uitbreiding toegevoegd, gerealiseerd door Reubsaet op Daalstraat 41, wat nu behoort tot het adres Daalstraat 39B.

Het middengedeelte van de woning wordt later bewoond door de nazaten van Wijnen, afkomstig uit België. Op de kadasterkaart van 1820 bevonden zich tussen de woningen de schuren van Gijsen en Tissen. De laatste woning van deze drie behoorde tot de familie Lemmens tijdens de Franse tijd en daarna tot de familie Collard (zie Tweede telling).

Om te achterhalen wanneer de familie Collard in de woning van Mathijs Lemmens is komen wonen, vervolgen we het onderzoek. We ontdekken dat Jaen Collard vermeld staat in de tweede telling van 1825.

Deze afbeelding heeft een leeg alt atribuut; de bestandsnaam is image-24.png

Mathijs Lemmens, de broer van Lucia, was op dat moment al verhuisd; eerst naar Terhagen en later naar Den Dries. Hij stapte driemaal in het huwelijksbootje en kreeg in twee van zijn huwelijken kinderen, velen met de naam Mathijs (Ties). Zijn eerste huwelijk was met Anna Catharina Willems, het tweede met Maria Sophia Stijnen, en het laatste met Catharina Elisabeth Gijsen. Rond 1855, het jaar van zijn overlijden, had Mathijs (ook wel Ties genoemd) zijn levensverhaal voltooid. Ik heb tevergeefs gezocht naar een memorie van successie, maar helaas was die niet beschikbaar. Daarna ben ik verder gaan zoeken in het kadaster om de verblijfplaats van Mathijs Lemmens (senior) te achterhalen, en daar ben ik achter gekomen.

image

Helemaal links ziet u twee huizen liggen, B315 en B316. Deze bestaan niet meer, maar B316 behoorde toe aan Mathijs Lemmens.

Lemmens

Dit is de eerste kadasterlegger van Mathijs Lemmens, geboren in de Daalstraat. Hier ziet u zijn huis, B316. In de Franse telling was hij nog niet opgenomen, omdat hij toen nog in de Daalstraat woonde. Pas in de tweede telling, rond 1820, wordt hij wel meegeteld.

IMG_0029 (3)

De bovenste bewoners zijn die van B315, de buren van Mathijs Lemmens en Maria Stynen op B316.

Hier worden de kinderen vermeld uit het eerste huwelijk van Mathijs Lemmens met Anna Catharina Willems. De oudste zoon, Mathijs (Ties), zal onze focus zijn, aangezien hij de stamvader wordt van Godfriedus (Frits) Lemmens. Mathijs Lemmens trad later in het huwelijk met Maria Catharina Martens, en zij kregen drie kinderen: Joanna Maria, Mathijs (Ties), en Godfriedus (Frits). Het is interessant op te merken dat Mathijs uit dit huwelijk het geboortehuis van zijn vader, B315, overnam, wat destijds was gesplitst toen hij trouwde met Maria Catharina Hendrix.

Godfriedus (Frits) Lemmens trouwde later met Elisabeth Bours en vestigde zich op de Dreesjpool. Of dit ook het ouderlijk huis van Godfriedus is, is me nog niet duidelijk.

godfriedus Lemmens

Bevolkingsregister

Hier staat vermeld waar Godfriedus Lemmens gewoond heeft, namelijk voor Catsop op nummer 44. Ik kan u vertellen dat dit naast Cobben op de dreesjpool was; zij hadden C43. Meteen zien we ook zijn kinderen, die we straks hieronder weer zullen tegenkomen in de stamboom van Wiel van Mulken.

Lemmens

Op X is zijn woonplaats, waarbij X1 effectief naar zijn schuur op den dries. Rechts van daar ziet u de dreesjpool, zoals aangegeven op deze kadasterkaart uit 1820. Dit betreft de grootvader van de familie die ik zal behandelen, waarbij Godfried een van zijn kinderen is en moeilijk met Elisabeth Bours. Het huis staat nog steeds, hoewel ik niet zeker weet of het een lemen woning was. Als indicatie: later naam Frits Cobben zijn intrek in het huis, en woont momenteel zijn zoon Jan daar.

Schermafbeelding 2024-02-02 123537

Zo ziet het er op dit moment uit maar de woning staat er nog steeds alleen de schuur is er niet meer.

jo lemmens

Jo Lemmens met de oude melkwagen melkventen,winkel en melkfabriek dat zit in de meeste Lemmense verweven.

Ik haak in bij de stamboom van Wiel bij

Godfried Lemmens en Elisabeht BoursWiel van Mulken 8

Hier onder ziet u de kinderen van hier boven genoemde ouders met aanhang ik heb er foto’s bijgezet wat ik heb.

1

Burgerlijk huwelijk
Bron Elsloo, Registers huwelijken Burgerlijke Stand Elsloo
Feit datum 27-11-1891
Plaatsnaam Elsloo
Geneatomen
Bruidegom Lemmens, Johannus Mathijs Beroep=arbeider
Geboortedatum=08-09-1862
Geboorteplaats=Elsloo
Leeftijd=29
Bruid Claessen, Anna Maria Margaretha Beroep=dienstmeid
Geboortedatum=05-08-1863
Geboorteplaats=Elsloo
Leeftijd=28
Vader van de bruidegom Lemmens, Godfried Beroep=Landbouwer
Moeder van de bruidegom Boers, Elisabeth Beroep=Z
Vader van de bruid Claessen, Joannes Hendrikus Hubertus Beroep=Landbouwer
Moeder van de bruid Peters, Maria Margaretha

2 Grootouders Lemmens-Claessen

Johannus Mathijs Lemmens (roepnaam Thies) en Anna Maria Margretha  Claessen (roepnaam Anna) u ziet hier Thies staan dat is zijn roepnaam die gaat straks door de hele familie van hun die van Thiese

2

Type Doop
Bron Elsloo, Augustinus: Doopakten van 1797 tot 1868
Feit datum 05-10-1864
Plaatsnaam Elsloo
Geneatomen
Dopeling Lemmens, Joannes Hubertus Geboortedatum=05-10-1864
Vader van de dopeling Lemmens, Godefridus
Moeder van de dopeling Bours, Maria Elisabeth
Doopgetuige Bours, Joannes Christianus
Doopgetuige Lemmens, Maria Elisabeth

Joannes Hubertus Lemmens deze man wat ik er van weet is vrijgezel gebleven

3

Type Kerkelijk huwelijk
Bron Elsloo, Augustinus: Huwelijksakten van 1869 tot 1938
Feit datum 29-09-1890
Plaatsnaam Elsloo
Geneatomen
Bruidegom Bartels, Cornelus Lambertus Algemeen=Filius leg. Augustinus et Anna Catharina De Wit defunctorum.
Woonplaats=Elsloo
Bruid Lemmens, Maria Margarita Algemeen=Filia leg. Godefridus et Maria Elisabeth Bours.
Woonplaats=Catsop
Getuige bij het huwelijk Vaessen, Joannes Hubertus
Getuige bij het huwelijk Lenssen, Henricus Algemeen=Sacrista.

Bartels Cornelis 1919

Links Cornelis Bartels midden een zus van van hem Boers- Bartels uit de steege Beek daar is deze foto ook genomen rechts een dochter van Cornelis de familie Bartels woonde in Catsop in die tijd als enigste huis op de Gillik

4

Bron Maastricht, Genlias huwelijk
Feit datum 20-01-1897
Plaatsnaam Maastricht
Geneatomen
Bruidegom Lemmens, Hendrik Hubert Geboorteplaats=Elsloo
Leeftijd=26
Bruid Marquet, Hubertina Philomina Geboorteplaats=Hulsberg
Leeftijd=26
Vader van de bruidegom Lemmens, Godfried
Moeder van de bruidegom Boers, Maria Elisabeth
Vader van de bruid Marquet, Wilhelmus Lambertus
Moeder van de bruid Limpens, Maria Elisabeth

Ze zijn in Meerssen en Maastricht gaan wonen wat ik opgezocht heb

5

Bron Elsloo, Registers huwelijken Burgerlijke Stand Elsloo
Feit datum 07-10-1904
Plaatsnaam Elsloo
Geneatomen
Bruidegom Lemmens, Godfried Hubert Beroep=arbeider
Geboortedatum=02-03-1875
Geboorteplaats=Elsloo
Leeftijd=29
Bruid Lenaerts, Maria Cornelia Hubertina Beroep=Z
Geboortedatum=03-04-1878
Geboorteplaats=Elsloo
Leeftijd=26
Vader van de bruidegom Lemmens, Godfried
Moeder van de bruidegom Bours, Maria Elisabeth Beroep=Z
Vader van de bruid Lenaerts, Theodoor
Moeder van de bruid Driessen, Maria Hubertina Beroep=Z

Godfried Hubert Lemmens (roepnaam Frits) en Maria Cornelia Hubertina Lenaerts

Smeets tweede vrouw

Frits Lemmens heeft een tweede huwelijk gehad met Cornelia Smeets  huwelijk 27 -12- 1924 te Roermond

6

Burgerlijk huwelijk
Elsloo, Registers huwelijken Burgerlijke Stand Elsloo
08-11-1901
Elsloo
Bruidegom Lemmens, Jacobus Hubertus Beroep=Sigarenmaker
Geboortedatum=06-07-1876
Geboorteplaats=Gendringen
Leeftijd=25
Bruid Lemmens, Maria Catharina Beroep=Z
Geboortedatum=23-06-1878
Geboorteplaats=Elsloo
Leeftijd=23
Vader van de bruidegom Lemmens, Joannes Hubertus Beroep=Z
Moeder van de bruidegom Reutten, Maria Catharina Beroep=Z
Vader van de bruid Lemmens, Godfried
Moeder van de bruid Bours, Maria Elisabeth Beroep=Z

Grootouders Lemmens Elsloo ca 1900_edit

Sjaak Lemmens en Mia Lemmens deze foto is rond 1900 gemaakt van Sjaak is bekend dat hij de krant rond bracht in Elsloo

We gaan de families wat in Catsop zijn gebleven apart behandelen en dat zijn Lemmens -Claessen    Lemmens -Lenaerts      Bartels -Lemmens

Hier onder heb ik de stamboom van Lemmens ingescant en in een word bestand gezet

Stamboom Lemmens Wiel van Mulken

Mijn grote dank aan Wiel van Mulken, Louis Offermans ,Familie Lemmens

De Bongersisters of Die Drei

De Bonger Sisters, Agnes, Martha en Mien (later werd dit Helmie)  Bongers, groeiden op in een gezin van negen kinderen. Hun ouderlijk huis lag in Catsop, Op het Einde 37, net op de splitsing van de Horsterweg  en Het Einde. Dit is ook het ouderlijk huis van hun moeder, Martha Gillissen, geboren in Catsop in 1917. Hun vader, Pie Bongers, is geboren in Nederweert in 1916. Het paar is getrouwd in 1941.

We maken een sprong naar 1963 met een foto van de Mandolinata. Deze foto staat op ‘Info Elsloo’. Als u nog namen weet ga naar Info Elsloo Nostalgie-Beeldmateriaal en kijk naar de onderstaande titel en vul de namen in bij de reactie

1963 MANDOLINATA

1963-Mandolinata-Elsloo

Op de tweede rij van beneden op de tweede plaats van links staat (waarschijnlijk) Martha, op vijfde plaats Mien Bongers en op de vierde rij op plaats vier staat Agnes Bongers. De dirigent Piet Berx staat helemaal links op de vierde rij. Hij adviseerde Die Drei eens aan een talentenjacht mee te doen. Ze deden dat en wonnen hun eerste in Nieuwdorp.

een rubriek uit de krant hier onder 23-06-1966

eerste plaat 23-06-1966.jpg

U kunt lezen dat Mej. Tieman, de ‘ontdekker’ van Die Drei, in de jury zat. Haar man runde in die tijd het Limburgs platenhuis in Geleen.Hun dochter Margo, ook wel ‘Mops’ genoemd, deed de fanclub. Zij verstuurde kaarten etc. . Een voorbeeld daarvan hier beneden.

fanclubkaart

Hun eerste singel

oh jhonny boy.jpg

als men klikt op het pijltje  kan men deze nog eens beluisteren de eerste is Oh Jhonny Boy en de tweede is Kinder ist das wandern schun

Hier onder hun eerste t,v, optreden 26-08-1966

nieuwe oogst

het commentaar van Dj/ Cees van Zijtveld zie foto was lovend

cees van zijtveld

Na hun eerste  t.v. debut waren ze hieronder actief op een talenten jacht met Irene Lardenoye (Miss Talent) in 16-09-1966

papfoto5

Enkele optredens van hun in 1966

1966 (2)

optreden 27-10-1966 (2)

We gaan naar het jaar 1967

Een rubriek uit de krant van 21-09-1967

perfect heel goed

IMG-20180812-WA0002 (2)

Wann kommst du wieder hun nieuwe singel geschreven door Ma Bongers en de compositie is van Agnes

0p 23 -12-167 hun optreden bij de boertjes van buuten onder leidindg van Kees Schilperoort

programma die drei 1967

250px-Kees_con

afbeelding Kees Schilperoort

hieronder een van hun eerste optredens in Lindenheuvel 1967 en let eens op de openingstijden

1967 lindenheuvel (2).png

die drei op der adio

1968

1968 revelation

zoals u ziet werd hun naam voor een keer veranderd the revalation en zongen ze de blues ik heb geprobeerd hier opnames van te krijgen maar helaas niks vast gelegd.

Hieronder Herman Stok

450px-Herman_Stok

1969

06-03-1969.jpg

Dit nummer no no no hebben ze ook in een nederlandse versie gemaakt en op heden nog altijd gedraaid in het noorden .

IMG-20180812-WA0003

nee nee nee singel

sag mir wo

Hieronder de nederlandse versie van no no no

1970

terug van Rusland

1970 komt ook hun langspeelplaat uit Happy Days onder de naam The Bongersisters

voorkant lp

achter kant lp

hier een paar plaatjes van deze lp

Ich liebe eine zirkusclown

Gut und geld

Ha ha ha ha ha

In het jaar 1971 hebben ze nog een tour gehad door Azië met een noodlanding in Japan we kregen nog een kaartje thuis van hun uit Japan kaart bonger sisters

Daarna is Agnes solo verder gegaan en ze treed nog steeds op onder de naam van Diana Ring

903502_189923267825005_14944106_o

Als er mensen zijn die nog iets willen toevoegen over de Bonger sisters dat kan ik ben nog op zoek naar optredens van hun op beeld misschien heeft er iemand nog een opname dan zal ik die graag erbij plaatsen als er nog iemand is die nog een singel van hun heeft en die wil afstaan houd ik me aanbevolen .

Mijn grote dank gaat uit naar  Stefan Penners  Wiel Mesters  Die Drei

veldvruchten 1916

 

Inleiding

De afbeelding hiernaast toont de publicatie van een openbare verkoop van veldvruchten. Deze verkoop vond plaats in opdracht van Nicolas  Cobben  en kinderen, wonende Op den Dries. Nu het gaat om veldvruchten en niet om de percelen zelf en ook door tussenkomst van de notaris, is moeilijk te achterhalen wat de reden van de verkoop is.  Wetenswaardigheden ten aanzien van deze familie  heb ik besproken bij ‘ Cobben –Lenaerts’ ; ik verwijs daarnaar.

Ik kreeg deze advertentie en wil ze op aantal punten graag wat meer toelichten. Ik beperk tot de verkoop in opdracht van Nic. Cobben .

Document openbare Verkoop van Veldvruchten

 

Allereerst  de locatie waar in Catsop deze verkoop werd gehouden. Vermeld staat: bij wed.M.Lemmens –Claessen. Zij was de echtgenote van Thies Lemmens en daar komt ook de benaming ‘die van Thiese’ vandaan.  De herberg annex winkel lag Op den Dries (zie foto aan de rechterzijde). De winkel is later nog overgenomen door Wies Willems,  in de volksmond ‘Wies van Thiese’.

CCF25062014_00000
De koleniale winkel aan de rechter kant ze verkochten koffie thee en tabak  (fam.Lemmens ) Geheel links vooraan staat Berp Hendriks de vrouw van Sjengske Daemen (berp oet de gats) in de deuropening staat haar zoon Jan Daemen met zijn vrouw Ida Engelen de man met fiets zou Jan Martens moeten zijn

3 Grootmoeder Claessen
Anna Maria Margretha Claessen wed. van Thies Lemmens

Nelia Lemmens

Binnenkant van de winkel achter de toonbank Nelia Lemmens dochter van wed. Marie Lemmens-Claessen .Nelia is later getrouwd met de heer Klinkers

 

In de advertentie staan maten vermeld zoals ‘roede’ (dialect: ‘rooj’), een maat die in beginsel afgeleid is van de ‘voet’. Een voorbeeld ter vergelijking: een normaal voetbal veld is ongeveer 6000 vierkante meter en is dus – zoals hieronder toegelicht- 300 kleine roeden.

Desgevraagd heeft Claessen hierover de volgende uitleg gegeven.

Een kleine roede is plus minus 20 vierkante meter, maar dat kon per plaats iets verschillen. In Elsloo zou dat 20.7  vierkante meter bedragen. In Stein rekende men met 19.8 vierkante meter. In het algemeen werd 20 vierkante meter aangehouden. Had men een perceel van 2000 vierkante meter, noemde men dat een morgen (dialect: mörge; gebied dat vroeger op één morgen kon worden geploegd). Bij 4 morgen werd gesproken van een ‘bunder’. Bij 5 morgen sprak men in latere tijden van 1 hectare. In het Elserheide waren vrijwel alle percelen 1230 vierkante meter en sprak men van 60 roeden. In Elserveld of Heiberg kwam nog een aparte maat voor, namelijk een ‘perk’. Deze had een grootte van 112 kleine roede of na een deling een half perk wat uiteraard 56 kleine roeden waren. Deze maatvoering kwam alleen in Elsloo voor. Kwam je in Geulle sprak men over een grote roede wat 20 maal de oppervlakte van de kleine roeden was dus 414 vierkante meter hier was ook 5 roeden een morgen. Doch men rekende 24 roeden voor 1 hectare en niet 25. Dit had te maken met de 414 vierkante meter per roede.

Er staan verschillende namen op het pamflet die ik probeer in kaart te brengen maar alles is onder voorbehoud. Als iemand hier iets meer van weet zou ik dit graag verbeteren. Sommige namen zijn vanzelfsprekend, andere kunnen daarvan afwijken. Ik heb hier ook Jan Claessen over gevraagd en we kwamen samen tot de volgende conclusie.

Beckers   is mogelijk de grootvader van Ben Frederix, voormalig ijzerwinkel Koolweg, nu Leenhouts.

J.Taaimans woonde vroeger in de Dorpstraat.

Jac.Peters is mogelijk Sjaak van Kwebbekes.

Haenen woonde vroeger in de Dorpstraat.

Jan Wanten; dit kan alle kanten op: kan in het Terhagen zijn maar kan ook en meest voor de hand liggend de vader van de moeder van Alber Cremers Op den Dries. Het  is me in de overleving verschillende malen verteld dat deze woning het oorspronkelijk huis is van Wanten. Maar deze Jan is in 1917 overleden. Verder vind ik een zoon van hem: Johannes Petrus Hubertus Wanten uit Terhagen.

H.Meessen  komt uit het Terhagen.

Fr.Lenaerts is mogelijk Frans Lenaerts, in de volksmond Frens van de Leenderte

Lemmens is de vader van Tjeu Lemmens, de man van Lies van Steps

Godfried Cremers is waarschijnlijk de vader van Albert Cremers Op de Dries, immers de vader van Chielke Kremers, Het Einde, schreef zich Godefried Kremers met een ‘k’ .

W.Engelen is de vader van Door Engelen in de Daalstraat.

H.Peerbooms is Huub Peerbooms, Het Einde, waar nu Jan Ackermans woont en tevens een kleinzoon is. Zo ook Lucie Vaessen (Kleindochter)

P.Hertzich is grootvader van de familie Bekkers met ‘kk s’. Een dochter van hem was getrouwd met een Bekkers en is  dus de opa van Tjeu Bekkers (snieder) en Pie Bekkers etc.

N.Tilmans en J.Tilmans: spreekt voor zich en woonden in de Daalstraat

Th.Bours dat kunnen er meerdere zijn: de vader van Pieke achter de pool Op den Dries of de vader van Sjeng, Pie  etc. Bours,  Daalstraat (timmerwerkplaats).

Wed.Evertz woonde vroeger op de heide nu Sanderboutlaan.

J.Fredrix is een moeilijke maar zoals u ziet staat er niet ‘Frederix’ maar met e minder en dan kom ik uit bij Fredrix-Smeets.  Joannes Hubertus Fredrix was getrouwd met Anna Mechtildes Smeets, dochter van Sjeng Smeets, Het Einde, met als dochter Greetje.

J.Cobben kan Sjeng, Op den Dries zijn, vader van Fritske of Sjaak Cobben mijn opa.

J.Smeets is Sjeng Smeets, Het Einde, was getrouwd met Schutgens, een kleinkind is b.v. An van Schendel.

J.Achten is mogelijk Kwab Achten, de opa van b.v. Jan en Huub  Spronkmans. Zijn later in Catsop komen wonen in het huis van Amen, gelegen naast het huis waar Jan Claessen nu woont en is afgebroken.

C.Bartels is Cornelis Bartels van de Gellik hij is de vader van b.v. Gus Bartels en voor het makkelijker te maken de opa van Marthe Bartels .

F.Pijpers kan ik niet thuisbrengen.

C.Dobbelstein is Chris van de Dobbele café in de Dorpstraat.

H.Hermans is Harrie van Betteke Lemmens.

W.Janssen is vermoedelijk Willem Op het Veldje.

M.Amen is mogelijk de vader van Pie Amen en grootvader van Jan Pijpers bij de kapel.

Waar in Catsop de in de publicatie genoemde velden waren gelegen is niet makkelijk te traceren. Enkele kaarten van Catsop zijn bijgevoegd waar men deze in ieder geval indicatief kan terug vinden. Soms lagen die velden zo klein en kort naast elkaar dat men bij de andere over het veld moesten lopen om bij hun eigen veld te komen. Dat is ook de reden dat bij sommige percelen staat dat ze bereikbaar waren vanaf de weg.

catsop en Elsloo

Hokel Heestert Horst 1942

Seeckendaal Hokel 1942

Aan de rechterkant bij de knup is rechts onder en op den heuvel

Hier onder een gedeelte van een  kadasterkaart uit 1815 rechtsonder ziet men de dries  liggen dit ter ondersteuning van waar je bent en ziet men hoe de percelen er uit zien ieder perceel  is omlijnd dus eigendom van iemand en kan men ook goed zien dat niet ieder perceel aan de weg ligt dus moesten ze over het veld lopen van de buren om op hun stuk te komen

Velden Catsop 1 1815

Hier onder een paar personen die genoemd zijn van boven links naar rechts Sjef Tilmans Nick Tilmans  Huber Peerbooms Pie Lemmens (onder voorbehoud) tweede Rij Cornelis Bartels  Frans Lenaerts onderste rij Godfried Cremers  Haenen  Sjeng Smeets W. Janssen (op het veldje )

 

 

Verder voor velden in Elsloo verwijs ik naar onderstaande link. Guus Peters vertelt waar deze velden gelegen hebben.

https://www.elsloo.info/landschap-en-maas

 

Mijn grote dank gaat uit naar Fam.Klinkers ,fam.Lemmens ,Guus Peters, Jan Claessen  en WielMesters

 

 

van Marya Huysken tot Kapel

De kapel van Catsop; het ‘bluuske’.

 

Er is al veel over de kapel geschreven. In het boek van Catsop staat een mooie rapportage over het bluuske. Er is zelfs een werkgroep in Catsop die de kapel op handen draagt, genaamd het bluuske. Paul Derhaag, een van de initiatiefnemers voor het herstel van kapel heeft samen met zijn jeugdvriend Jan Bours deze werkgroep opgericht. Paul, die nog steeds in het bestuur van het Bluuske zit, heeft met anderen al ongeveer 38 jaar zijn hart en ziel in het welzijn van de kapel gestoken.

Er zijn toch meer verhalen uit de overleving die met de kapel te maken hebben. Een van die verhalen is van Jan Claessen. Hij verhaalt eerst over de toestand zoals die was in de tijd dat de kapel gebouwd werd.

Bës te de êrme man óét Catsop aan ut verjage?

Catsop stond tot in de verre omgeving bekend als zijnde zeer arm. Men moet aannemen dat het ook elders niet veel beter zal zijn geweest. Maar ja, Catsop had nu eenmaal de naam. Liep het tegen juli aan dan was de resterende voorraad graan, met name rogge, aan de krappe kant. Zodat men zuiniger aan moest doen totdat de nieuwe oogst binnen kon worden gehaald. Zodra er rogge geoogst was en gedorst met de vlegel, kon men weer naar de molenaar om het te laten malen om brood te bakken. En was de ergste nood voorbij. Dit leverde in de omliggende dorpen en gehuchten, als men in juli of begin augustus naar de mulder ging om de nieuw geoogste rogge te laten malen, de uitspraak op ‘Bës te de êrme man óét Catsop aan ut verjage?’ Mijn moeder, geboren en getogen in de Maasband, kende deze uitspraak en heeft me dit meermalen verteld. Toch heeft ze het gewaagd om met iemand uit Catsop te trouwen en aldaar te gaan wonen. Mijn vader heeft in de oorlogsjaren bij de voedselvoorziening gewerkt. Enerzijds om wat te verdienen en anderzijds om niet tewerk te worden gesteld in Duitsland. Zijn werkgebied was Stein-Geleen- Einighausen -Limbricht en Guttecoven. Ook hij heeft tijdens zijn werk deze uitdrukking vaker gehoord.

De kapel van Catsop; het initiatief voor de bouw.

In de oude kerk van Elsloo die in 1843 door een noodweer is getroffen hadden de Graaf van Elsloo De Geloes en de heer van Catsop (Louis van Hees) een plek op het priesterkoor tijdens de hoogmis. Bij de bouw van de nieuwe kerk zou pastoor Willems in de nieuwe kerk deze stoelen op het priesterkoor voor beide heren niet meer te willen tolereren. Maar toch heeft hij voor de Graaf uiteindelijk na verzet en uit dankbaarheid voor diens steun voor de bouw van de nieuwe kerk, een uitzondering gemaakt. Dit leidde er wel toe dat de heer Van Hees zijn stoel op het priesterkoor moest prijsgeven. Wat bij deze de nodige frustraties opriep. Hij heeft vervolgens het initiatief genomen om de in slechte staat verkerende kapel van Catsop te herbouwen. Hij organiseerde een collecte onder de inwoners van Catsop. Door de grote armoede van de inwoners heeft de collecte zeer weinig opgebracht. Uiteindelijk heeft hij de kapel zelf laten bouwen en betaald maar heeft op de steen die boven de deur van de kapel is aangebracht toch de tekst geplaatst “deze kapel is gebouwd door de inwoners van Catsop in het jaar 1848”. Dit refereerde aan de collecte. Doch de kapel is eigenlijk door en op kosten van Van Hees gebouwd en aldus had hij zijn ‘eigen’ kerkje.

ludoviscus
De iniatiefnemer van de bouw van de kapel

Anna Engelen
De echtgenote van Louis van Hees zij had een voorliefde van het verhaal van Winandus

De wonderen van Winandus.

De echtgenote van Louis van Hees, Anna Maria Josefhina van Engelen had een voorliefde voor het verhaal van Winandus Over het verhaal van Winandus (zie het boek van Catsop) is al veel bekend, maar over zijn beschreven wonderen is nog niet veel verteld dat wil ik graag met jullie delen Jan Claessen vertelde dat zijn moeder Ida een hersenschudding had opgelopen in 1954 door een val en de nonnen kwamen haar verzorgen. Het verhaal is dat Ida aan de zusters vroeg: hoe is het met de Winandus-roos waarop de zusters antwoordden: ‘die staat prachtig in de bloei’. Dus achter de pastorie zou dan het graf van Winandus hebben gelegen waarop een roos zou zijn gaan bloeien.

Verder onderzoek leverde een krantenartikel uit 1893 van de heer Habets op, waar deze verder uitleg geeft over de wonderen van Winandus.

1
Krantenartikel 1893

2
de voorspelling van Winandus uit een kranten artikel uit 1893 van de heer Habets

Volgens Jan Claessen blijkt uit de overlevering dat er sprake is van in totaal vijf wonderen van Winandus. Drie staan in het bovenstaande krantenartikel vermeld. De twee andere hadden meer het karakter van toekomstvoorspellingen: zo zou men in de toekomst op de velden niet meer naar elkaar hoeven te schreeuwen (telefoon) en de mensen zouden in de toekomst zich op een andere manier gaan voortbewegen dan te voet of te paard (auto, fiets.) . Het verhaal van Winandus staat in het boek ‘De Dialogus miraculorum’ van Caesarius van Heisterbach, maar het verhaal is niet van laatstgenoemde afkomstig, maar van een oom van Winandus, een monnik en broer van zijn moeder die ook in het klooster van Heisterbach verbleef. Er staat ook vermeld dat het Phillip Winandus betreft, want in die tijd had men geen achternamen In de tijd dat de kapel gebouwd werd waren de mensen zeer gelovig en het verhaal van Winandus gaat er ook om dat men de zondag moet eren.

(NB! klikken op onderstaande afbeeldingen)

Het verhaal van Wiel van Hees over de naam ‘bluuske’.

Mijn tante Bella van Hees is geboren in de Hof van Catsop. Zij vertelde mij het volgende. Ergens begin 1900 brak er brand uit in het sigarenfabriekje dat Harrie van Hees had boven op zolder. De brand werd ontdekt door Lies Cremers. Zij trouwde later met Sjeng van Es, de veerman. Lies waarschuwde veldwachter Bertje Pijpers die achter de kapel woonde. Deze waarschuwde de mannen die in Catsop woonden en die moesten helpen water uit de pomp in de Daalstraat naast de hof te halen om zo de brand te blussen. Omdat er geen klokje in het torentje op de kapel was werd er op verzoek van de veldwachter een klokje in het torenhuisje boven op de kapel geplaatst, zodat men bij brand de mensen uit Catsop kon waarschuwen. Omdat dat klokje een slechte klank had werd er door de inwoners van Catsop en Elsloo schertsend gezegd: “Wat mót die bel doa in dat húuske op de kapêl”. Wie later het woord bluuske heeft verzonnen is niet bekend. Volgens Bella van Hees liep er in die tijd altijd een meisje of vrouw rond in hetzelfde bluuske. Daar zou het woord bluuske ook vandaan hebben kunnen komen. Maar dit had niets met het belhuuske op de kapel te maken.

Over wat Bella van Hees hier vertelt over ” Wat mót die bel doa in dat húuske op de kapêl” heb ik bij overleving meerdere malen gehoord dat dat vooral in Elsloo gebruikt werd om een beetje te stangen. Zo vertelde Albert Cremers dat het klokje geluid werd bij een processie, dat met een bepaald ritme gebeurde door de koster met gebruik van een touw die verbonden was met de bel. Dat deed eerst Frans Lenaerts (hij werd genoemd door Jan van Maxke in het radio intervieuw van de R.O.Z.) en na hem Servaas Lenssen. Op dat ritme stonden de mensen van Elsloo aan de zijkant van de kapel zachtjes mee te zingen “Catsopse lummele, paerts pummele”. Albert vertelde dat er veel jaloezie was omdat Catsop meestal de mooiste processie had (zie hierover ook elders).

017
Bella van Hees

servaas Lenssen
Servaas Lenssen

Bertje Pijpers
veldwachter Bertje Pijp

Publicatie 1865

Het verhaal hier onder komt uit de Publications de la Société Historique et Archéologique dans le Limbourg, jaargang 2 (1865). En is vertaald door de heer Jos Habets . En uiteraard kan iedereen daar het zijne bij denken.

2018-06-04 (3)

2018-06-04 (4)

147 w

2018-06-04 (5)

2018-06-04 (6)

2018-06-04 (7)

2018-06-04 (8)

152 w

2018-06-04 (10)

2018-06-04 (11)

2018-06-04 (12)

2018-06-04 (14)

2018-06-04 (15)

2018-06-04 (16)

2018-06-04 (17).png

‘Dorpsstraat’, ‘Kruisstraat’, namen die we nu niet meer vaak tegenkomen en de naam Catsop zou van ‘Gaza’ komen uit Palestina. Het graf van Winandus zou dus gelegen hebben op de berg bij de oude kerk die eerst anders lag. Er word gesproken over Orientshof naast de kerk. Uit bronnen is bekend dat er een kerk zou hebben gelegen onder aan de Maas in de buurt waar voorheen ook tot een grote overstroming het kasteel weggespoelde. Maar het kan ook zo zijn dat er een begraafplaats is geweest op de berg waar nu de kerk is want tenslotte kwam Winandus uit Meers en niet uit Elsloo.

De geschiedenis van de roos

Uit een staats-godsdienstig dagblad 10-11-1890

10-11-1890 godsdienstig-staatskundig dagblad

We gaan in de tijd een sprong maken naar 1931

29-05-1931

Kranten artikel uit 29-05-1936

25-05-1936

20-04-1948 honderd jarig bestaan Kapel dus ik vermoed dat toen de beschildering is overgeverfd of hersteld

20-04-1948

19-06-1964 hier word al gesproken over buurtvereniging en is de jonkheid er niet meer

kapel19-06-1964

Paul Derhaag een van de grote initiatiefnemer van het herstel van kapel in de jaren tachtig

paul

paul2

de volgende filmpjes heb ik op YouTube gezet en zijn van het feest Het bluuske van Catsop 1998

Paul Derhaag in gesprek met de verslaggeefster van het radio progrmma in de de buurt van god in 2016

Ik wilde graag afsluiten met een paar anekdotes en verhalen uit het verleden ,maar als er mensen zijn die nog wat weten of iets kwijt willen over ut Bluuske laat het weten dan zal ik dit er bij zetten. Ik ben een beetje kris kras door de tijd heen gegaan zo ook met het volgende .

Ut Bluuske waartegen de kinderen liedjes weerkaatsten in Catsop van vreuger klonken als volgt.

Ringel-ringel roize

Boter in de doize

Ei-jer in de kaste

Mörge gaon veer vaste

Euvermörge ei lemp-ke sjlachte, dat zal zegke beeee

Of

Rie-ra rotschj

Veer varen op de toschje

Veer varen op eine iezere wage

Rie-ra rotschj

Of

Kroene kraane-witte Haane

Geiste mit noa Engeland vaare ?

Den hemel is geslaotte

Mit twee vergulde paorte

De sleutel is gebraoke

Dat höb ver al geraoke

Wie-nie krieg ver eine nuuje

Es kööreke riep is

Es ut kööreke stiep is

Es de poppe danse

al op die lairre sjanse

Ut kapelke is altijd het middelpunt gebleven van Catsop

In 1967 had de gemeente de kapel willen verplaatsen voor de verkeersveiligheid maar door de tegenstand van de Catsopse gemeenschap is dit gelukkig achterwegen gebleven .

Ik wilde afsluiten met het volgende Het Bluuske waar elke morgen kaarsen branden voor het aangeklede beeld van Maria met kind waar gebeden wordt en waar boven het ranke torentje als een trouwe waker de weerhaan ronddraait meer als anderhalve eeuw geleden .

Aanvulling van Guus Peters .Al rond 1500 staat diverse keren en duidelijk dat het een kapel in combinatie met een belhuuske (bluuske) was. Dit was de alarmbel van Catsop. Bij brand of onraad waren de mannen van Catsop verplicht zich bij de kapel te verzamelen als de bel geluid werd. Kan overigens best dat de nieuwe kapel in eerste instantie geen bel had.

Na de Bokkerijderstijd waren er twee dorpen in Limburg die bijna alle gezinshoofden hadden verloren, Catsop en Retersbeek (bij Klimmen). Veel families vervielen toen tot grote armoe, ook in Catsop. Mogelijk komt daarvan de uitdrukking van Bës te de êrme man óét Catsop aan ut verjage?

mijn dank aan Wiel van Hees ,Wiel Mesters ,Jan Claessen en

Wim Moorman

Bureau Koninklijk LGOG

Penksterbloom (pinksterbloem)

Met Pinksteren in Catsop van vreuger werd er bij de kinderen een kind uit gekozen die de pinksterbloem moest zijn en dan gingen ze langs alle huizen af om een liedje te zingen om wat centjes op te halen of een snoepje .Het is omstreeks 1946 en de penksterbloom van dat jaar was Jes Smeets ze hadden haar in de poppenwagen gezet en een leuke versiering op haar hoofd gezet .

Het Liedje dat werd gezongen ging als volg

Gaef mich eine cent veur de penksterbloom es ut mher eine hauve is eine ganse is nog beater

Pinkster Bloom
v.l.n.r. Lies Tilmans Fien Tilmans Annie Knoben Julia Knoben Lies Smeets Marie Tilmans de jongen is Steef Bongers de pinksterbloom is Jes Smeets die andere twee kleine kinderen voor Lies en Marie zijn links Annie Bongers en Marie Bongers op de achtergrond staat Sjeng Claessen met zijn zoon Jan

 

Marie Smeets hartelijk dank voor alles op het moment dat de foto werd genomen staat ze er niet op.

 

Boerderij

 

Een verhaal van eine echte Catsoppenaer Jo Smeets hij heeft al meerdere verhalen geschreven die hij heeft geplaatst op info Elsloo,ik ga zijn verhaal ook in mijn rubriek plaatsen en vul dit aan met een foto die er bij past. Ik zou hier heel veel foto”s bij kunnen plaatsen maar dan bleef van het verhaal niks meer over ,het gaat om het verhaal .

 

BOERDERIJ

Om te eten stap je vandaag de dag een keer per week in de auto en rijdt naar de supermarkt. Van een liter melk tot een plastic zak aardappels belandt in het winkelwagentje, alles eindigt op de lopende band bij de kassa. Het is wellicht aardig om even stil te staan bij het feit dat vlees, groenten en fruit ergens vandaan moeten komen. Iedereen vindt het nu vanzelfsprekend dat de zuivel- of groenteafdeling zeer ruim is gesorteerd (je kan er nu produkten uit de hele wereld kopen). Waar liggen nu allemaal die boerderijen?
Op welke manier voedsel ontstaat, is voor opgroeiende jeugd in Catsop in de jaren zestig spelenderwijs op de voet te volgen. Het aantal boerderijen is er groot. Zelfs zo groot dat de Boerenbond er een winkel heeft waar zaden, en verder haast alles dat nodig is om een boerderij draaiende te houden, te koop is. Over nering gesproken, er zijn verder nog twee kruidenierszaken, een schilderswinkel, een cafe, en een slagerij. Deze slagerij, een dependance van de slagerij in de Dorpsstraat te Elsloo, ligt aan het plein Op de Dries.
Dit plein is voor een deel van de spelende jeugd het episch centrum van Catsop in die jaren. Na schooltijd, de woensdagmiddag en zaterdags, altijd zijn er wel enkele jongens te vinden. Aan het plein liggen enige boerderijen die in vol bedrijf zijn. De boerderijen van Driessen en Cobben.

uufe
op de voorgrond Frits Cobben op de dries waar toen in onze tijd de speeltuin was voetballen, knikkeren ,Tollen,enz.

groepsfoto Guus Smeets wim jan lenie
b.l.n.r. Theo Reubsaet  Marij Steps  Leny Schepers  Jan Smeets  Math Schepers  Jhonny Driessen o.v.l.n.r. Jan Vranken  Jeu Schepers  Jo van Es   Jan en Willie Cobben voor aan Wim Schepers

Onze interesse gaat vooral uit naar de boerderij van Cobben. Zijn het de twee zonen van Cobben die ongeveer even jong zijn als wij, of is hun dochter hieraan debet? Trouwens de familie Driessen is ook ruim voorzien. Het dagelijkse boerenbedrijf van de familie Cobben maken wij van dichtbij mee. Als er drinkwater gebracht moet worden naar de koeien in de beemd aan de Maas te Elsloo, zitten wij jongens achter elkaar op het grote langgerekte ijzeren watervat. Je voelt je als een cowboy te paard met een weids uitzicht. Altijd heeft boer Fritske van Cobben jeugd om zich heen zwermen. Jeugd die soms in het veld onder zijn wakend oog op de tractor mag rijden, jeugd die hem natuurlijk helpt. Want op een hof moet van alles gebeuren: hooien, aardappelen rooien, “krwaten sjarren”, het vee verzorgen, fruit plukken, te veel om op te noemen. Hier kan geen dag van het jaar voorbij gaan zonder werken. Fritske en Lieske hebben er nooit moeite mee, dat wij uren doorbrengen op hun grote erf. Verder is hij altijd vergezeld van enkele honden die o.a. op de treeplank van de rijdende tractor zitten. Zij komen van pas bij de hobby van Fritske, de jacht.
Een van de jaarlijks terugkerende dingen bij een, toen nog overal gemengd, boerenbedrijf is het spuiten van de fruitbomen tegen ongedierte. Milieuvoorschriften voor het gebruik en sterkte van het gif is iets waar nog niet ernstig op wordt gelet. De vloeistof waarmee de bomen gespoten worden is geel. De lichte vacht van de honden die natuurlijk meegaan is eigeel als zij terugkomen van deze klus. Fritske houdt even de waterslang op hen en zij zijn weer schoon. Als het “huij” binnen ligt spelen wij met de hooibalen. Burchten worden gebouwd en vervolgens door onze belegering weer omvergehaald. Er een jeugdserie Ripcord op tv.

1406163352_5
Ripcord

Het leukste in deze serie is het parachutespringen uit een cessna. Natuurlijk spelen wij dit na in de hooischuur. Je klimt langs de houten sporten van de rechtopstaande ladder omhoog en de grootste durfal springt zo’n tien meter naar beneden in het hooi met de kreet ripcord.
Op het erf van Cobben woont tante Cor. Zij is zeer moeilijk ter been en verplaatst zich binnenshuis met loopkrukken. Als zij al eens naar Elsloo gaat, heeft zij een rolstoelfiets die zij met haar armen moet voortbewegen. Moet zij richting Kapel dan duwt men haar karretje omhoog en een dubbeltje is verdiend.

Cor Cobben
Cor Cobben en Fien Cobben

Wij kinderen zijn vaak bij haar te vinden. Er staat namelijk een magisch houten kastje waarop je bewegende beelden kunt zien.
In die tijd, begin jaren zestig, is dit in zeer weinig huiskamers te vinden.
Ontelbare keren is het voorgekomen, dat haar kleine woonkamer propvol kinderen zit, om bijv. naar een jeugdprogramma te kijken. Die programma’s leveren ons kinderen weer inspiratie om dingen te doen. Tante Cor leeft jarenlang achter de schuurpoort op slechts enkele tientallen vierkante meters. Buiten aan haar voeten ligt de “mestem” van de tegenoverliggende koeienstallen. Zij is ogenschijnlijk tevreden met haar tv, speelkaarten (patience) en aanloop van buurtbewoners.
Op hetzelfde erf woont Pieke achter de Pool.

pieke achter de pool
v.l.n.r. Jhon Savelkoul Pieke Bours (achter de pool) Nico Smeets (stein) Huub Savelkoul Frits Cobben Thei Collard

Deze man leeft een kluizenaarsbestaan. Slechts zeer weinigen zijn ooit bij hem in huis geweest. Wij kinderen zijn bang voor deze altijd in het zwart geklede norse man. Zijn hond Tillie is zijn enig gezelschap. Naarmate de jaren verstrijken, wordt hij toch wat toeschietelijker. Tijdens een zomervakantie ’s ochtens vroeg bij het vissen in de Maas, bij het toenmalige veerpontje naar Belgie, te Elsloo hebben mijn broer en ik beet. Tot onze verbazing hangt er geen vis aan de angel maar een ziekenfondsbrilletje. Later die dag zit Pieke op de rustbank op De Drees, hond Tillie ligt op z’n schoot, wij laten hem onze vangst zien. “Is dit niks voor jou?” Hij zet het brilletje op en zegt: “verdorie ik zie veel beter dan daarnet, hij is verkocht”. Wij zijn een gulden rijker, toen een fors bedrag.
Zo hebben wij in onze vlegeljaren vele uren op een plezierige wijze zoek gemaakt op de boerderij van familie Cobben, want geen dag lijkt er op de vorige dag. Tevens hebben wij iets opgestoken over het wonder dat natuur heet.

 

Mijn dank aan Jo Smeets Fam.Cobben Jhon Savelkoul en die ik vergeten ben

Verhaal spoorweg overgang (Wiel van Hees)

056 Spoor huisje

Spoorhuisje. Catsopperstraat. Hoek Kaakstraat Heierstraat.

 

Dit spoorhuisje diende voor de overwegspoorbomen ter plaatse en ook bij de overweg Spoorstraat en Veestraat dicht te doen.

Men kreeg bericht uit Bunde wanneer een trein daar stopte of voorbij kwam. Kwam de trein uit de richting Beek dan kreeg men bericht vanuit Geleen. Het kwam wel vaker voor dat die personen die daar verantwoordelijk voor waren het sein niet hoorde of niet goed door kregen. Zo kwam het ook, dat die spoorbomen te laat dicht werden gedaan.

Frens Maas ging in die tijd met paard en aanhangwagen bij de boeren de bussen met melk ophalen die hij in de Melkfabriek te Beek ging afleveren. Daar werd de melk in uit de bussen gedaan, in de volksmond ( melktuiten ) genoemd. Daarna kreeg Frens die bussen weer mee terug en werden zij weer bij de boeren afgeleverd. Zo was het ook op een dag dat Frens Maas de trein uit de bocht bij Terhagen zag komen. De overwegbomen werden te laat gesloten. Frens was de eerste slagboom bijna gepasseerd. Hij kon niet meer terug en trok zo hard aan de lijnen van het paard. Dat het paard steigerde en nog net met de hoeven van de voorpoten de trein raakte. Dit is waar gebeurt. Wij hadden thuis een fietsenzaak en Frens kwam met zijn fiets bij ons thuis waar hij dat verhaal vertelde.

Zo zal het ook gebeurt zijn met de overweg bij de Veestraat. De spoorbomen begonnen te sluiten op dat moment J. Dols overstak. Hij zat met paard en kar opgesloten tussen de spoorbomen. Ik zat op de eerste klas bij Juffrouw Voncken toen dit gebeurde. Wij hoorden dat J. Dols verongelukt was en gingen kijken. Ik heb J. Dols zien liggen op het paadje naast de rails. De kar was vernield en het paard had een flink stuk vlees uit zijn bil. Naar het schijnt was het paard op hol geslagen.

 

Wiel Van Hees

Catsop-wielrennen ( De bergklimmers)

Ik wist van mijn oom Gus Cobben dat er fietswedstrijden in Catsop werden gehouden. Hij vertelde dat op het einde van de Gellik aan de rechtse kant lag een fruitweide “weg achter de weide”. Er werd om de bomen een touw gespannen en dan gingen ze daar fietsen. Hij vertelde ook dat Louis Lemmens vroeger goed fietste. Zijn vader Frits noemde hem de nieuwe Pijnenburg. Ook herinnerde hij zich en anderen dat Herman Hendriks er ook fietste. “Als ik ging melken en ik kwam op het Einde dan hoorde je de rollen lopen tot bij het kapelletje”  Herman had die zelf gemaakt van houten plankjes en die maakte flinke herrie. Ook meende  hij zich ene Harrie Daemen te herinneren . Er kon op gras gefietst worden door het gebruik van dikke banden. Later ontdekte ik namen van meerdere renners en in goed overleg met Harrie Rouveroy die een grasbaanrit en een home-trainerwedstrijd bij Mevr.Peters had meegemaakt ben ik op zoek gegaan om daar meer informatie over te krijgen .

Seeckendaal Hokel 1942
ongeveer op deze plaats zou de grasbaan hebben gelegen later verhuisd hij naar de veestraat waar ook het voetbal veld lag.

Zo stuitte ik op een krantenartikel uit 1931 en kwam ik tot het volgende verhaal

25-08- 1931 limburgs dagblad
25-08-1931 limburgsdagblad

Ik had bij heel  wat Catsoppenaere geïnformeerd over het oprichten van deze club, maar  niemand wist hier van tot ik bovenstaand artikel met namen van de oprichters vond. Alleen bleken de namen niet allemaal te kloppen en in overleg van Harrie Rouveroye kwamen we tot de volgende verbeteringen. L.Natten moet L.Notten zijn want een Natten heeft nooit in Catsop of Elsloo in die tijd gewoond en later zal blijken dat hij het is. J.Willems moet Frans Willems zijn want een J.Willems kan ik ook niet vinden in die tijd. De naam G.Claessen  kan twee kanten op gaan: Gus Claessen uit Elsloo ? ik heb iemand gevraagd die de familie zeer goed kent en zei nooit van een fietsclub te hebben gehoord. Dus kan het de Gus Claessen naast Willemke zijn Wat betreft J.Brouns ben ik nog zoekende volgens alles zou hij op de stationstraat hebben gewoond en is hier komen wonen door werkzaamheden aan het kanaal. De naam K.Kroon spreekt voor zich K.Kroon bezat een fietswinkel in Elsloo . Hij was een van de oprichters en tevens sponsor :de winnaar kreeg meestal een fietsband .De naam Gus Bartels spreekt van zelf .Wat ik opgezocht heb komen ze met de leeftijd overeen .Ze zijn allemaal geboortig van ongeveer 1896 dus ze waren toen ongeveer 35 jaar oud. Alleen Kees Kroon was geboren in 1905

Fietsclub de bergklimmers 26-08-1931 en voetbal club
26-08-1931 limburgsdagblad

Klik op de foto dan verschijnt de namen van oprichters van de bergklimmers.

winkel knoben

de tekst spreekt van zelf een artikel uit de wegwijzer Kees was een van de oprichters en tevens sponsor winnaar kreeg meestal een band

winkel schoolstraat 1
de winkel van Kees in de Schoolstraat in 1937 maar toen was de ronde van Elsloo er al

Over de grasbaan wedstrijden heb ik ook een paar artikelen gevonden alleen staat hier het einde maar er was maar een grasbaan in die tijd ” achter de weide ”

5=09=1931
05-09-1931

Uw ziet in die tijd was Louis Lemmens uit Catsop bij de nieuwelingen in gedeeld verder is er Lambert  Goudert de Beauregarde  ook uit Elsloo

07 09-1931 uitslag
07-09-1931 uitslag van de aller eerste grasbaan wedstrijd van de Bergklimmers in Catsop

26-05-1932 vranken
26-05-1933

Het in bovengenoemd  artikel was het cafe wat zou later word over genomen door Willem Vranken maar in die tijd was het in bezit van Sjef en Trees Vranken  er staat J.Vronken, maar  moet zijn J.Vranken. Verder zie ik Dekkers (Catsop) en Willem Vranken  (Elsloo)- de latere cafe houder- die had zelfs een verzorger Sjeng Spronkmans . Aldus vertelde  Tilla zijn dochter hij had in het verleden een schilderij en gladiolen gewonnen. Gus Bartels had achter Willem de finish bereikt.

Trees Visschers Geboren 24-4-1891 overleden 13-11-1980 en Sjef Vranken geboren 24-4-1891 overleden 13-11-1980
Sjef en Trees Vranken.-Visschers

 

Bie Willemke (1)
Bovenstaande foto betrof het clublokaal van de Bergklimmers . Weliswaar is de foto van jaren later maar volgens alles zag het er toen ook zo uit. Toen Max Wouters naar Beek vertrok was rechts de slagerij daar hingen de worsten te drogen. Daarna heeft Sjef Vranken de cafe overgenomen. In 1936 is Willem Vranken de eigenaar geworden en toen werd het” Bie Willemke”. Toen later zijn dochter Wies het café overnam werd het “bie Wies ” In die tijd hebben met name aan de binnenzijde enkele verbouwingen plaats. Tilla vertelde dat de Bühne en de wc erbij zijn gekomen en de biljartzaal rechts waar eerder de slagerij was. De daarachter gelegen paardenstallen zijn afgebroken en daar is een woonhuis gekomen .

10404063_749959868425706_8708902691330329865_n
Willem Vranken op latere leeftijd zijn verzorger was Sjeng Spronkmans ze noemde Willemke  DE Kepper  die naam had hij al toen kiepte bij de voetbalclub aan de maas 

Tilla Nijsten -Vranken vertelde me dat haar moeder nog wist dat Willem al heel vroeg met fietsen was begonnen. De moeder van Tilla lag in de jaren dertig eens een keer in het ziekenhuis . Toen fietste Willem een wedstrijd in Maastricht toen kwam hij haar bezoeken met een korte broek aan (wielerbroek). In die tijd kon dat beslist niet.

 

17-11-1933
17-11-1933 wat opvalt is dat ze de naam van Jan Decker (Catsop) op eens goed is geschreven . Verder valt te lezen dat Willems (Catsop) Hendrix (Catsop) en Louis Lemmens  ( de nieuwe Pijnenburg uit Catsop wint van de Sjenge ) verder fietste Lambert Gouder de Beauregard (Elsloo) hier ook mee.

Jentrien. Mai Peters die later met Frederix de cafe overneemt en het midden Mai Peters en onder buurvrouw hoeve     laers
Bovenstaande foto betreft Jentrien Mai Peters en Mevr Hoeveleers de buurvrouw. Dit is in Elsloo en niet zoals beschreven in Catsop. Hier werden wedstrijden georganiseerd op rollen maar niet alleen hier Cafe J.Cremers (Djive) en cafe Janssen ook (Dikke Stein)

9-06-1933
9-06-1933

Louis Lemmens wiel renner
Louis Lemmens op de fiets met naast hem zijn broer Tjeu. Dit is in Meersen (humcoverweg) cafe Janssen later cafe aan de beek  ik weet dus niet of er nog meer mensen van Catsop of Elsloo op staan

jan Decker bertha Cobben
Jan Decker en Bertha Cobben Jan had verschillende overwinningen behaald in zijn carrière

31-01-1933 in stein dekker wint weer
1933 staat dekker moet Decker zijn en er is weer een paar nieuwe namen  bij gekomen : Sjef Bovens uit het Terhage en Mathjeu Penders  en Pie Diederen

Herman Hendriiks Tina Leclaire uit Heer Graatje Franssen
Herman Hendriks Tina Leclaire en Graad Franssen

mathjieu Penders
Mathjeu Penders hij fietste en voetbalde in 1933

Sjeng de Meijer zo vertelde Harrie die had ook nog gefietst in die tijd hij had de bijnaam Gaston Rubrie goede renner uit de tour van toen

sjeng de meijer
Sjeng de Meijer zeer groot wielerliefhebber en zelf ook gefietst

27-06-1933 Notten
27-06-1933 in dit artikel ziet u de bevestiging dat het Louis Notten is

Harie en eerste fiets elsloo
Harrie van Hees. Hij woonde op het laathof met een renfiets. Of hij ooit wedstrijd heeft gereden is mij niet bekend. Hij is geboortig  van 1877. Ik kom hem nergens in de uitslaglijsten tegen

We gaan over wielrennen nog wel een artikel maken met andere vedetten uit Catsop later in 1936 zal de eerste ronde van Elsloo worden gerealiseerd winnaar Bovandeard uit Sittard.  Maar toen was het volgens mij een andere organisatie met W.Bonekamp als voorzitter . Met Louis Lemmens als wielrenner is het niet goed afgelopen. Hij kreeg last van zijn knie en moest noodgedwongen Stoppen . Willem Vranken en Herman Hendrix hebben  nog langer doorgefietst.

eerste ronde van Elsloo deelnemers
1936

Mijn grote dank aan  Harrie Rouveroye   Jhon Savelkoul  Fam. Lemmens Fam. Bartels Lucie  Willems  Wiel van Hees   fam.Decker   Nic Hendriks   Fam.Vranken   Jan Kroon Fam.Notten   Jan Claessen en Wiel Mesters

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Jonkheid Catsop

De Jonkheid kent een lange geschiedenis in Catsop ik kwam artikelen tegen van de jaren twintig ze versierden huizen bij gouden zilveren bruiloften etc. Ze deden versieringen maken bij processies. Een paar artikelen ga ik even wat aandacht geven . En kom in mijn rubriek hier regelmatig op terug.

jonkheid 1933
kranten artikel 1933

 

carnaval 1933
Links is Harrie Reubsaet dan Door Notten en dan Sjeng Schepers de rest is nog niet bekend 1933

Nic Voncken e.a. Optocht
voor op de bok Nick Voncken 1933

vlucht pater pijpers kimburgs dagblad 18-06-1940
Vlucht Pater Pijpers Limburgs dagblad 18-06-1940

Deze foto is gemaakt in de veestraat ter eren van het priesterschap van Pater Pijpers 1942. Hier staat de jonkheid op de familie Pijpers en de communiekanten .Hier staan een heleboel namen op maar ook namen die fout staan of onbekend zijn dat fout staan is deel mijn schuld omdat ik met de pen had genummerd en op de lijst de nummers niet goed over een kwamen. Dus ik zoek hulp .

Pater Pijpers
jonkheid 1942 en familie Pijpers en de communiekanten

Pater Pijpers(1) (004)

communiekantjes

1 onbekend     2 Judith Steps  3 Lucie Pijpers  4  onbekend  5 Lies Derhaag  6 Marie Derhaag  7 Miet Daemen  8  Lies Smeets ?  9 Lies Bours 10 onbekend  11 onbekend 12 Marie Tilmans 13 Marie Engelen 14 Lies Reubsaet 15 Marie Driessen 16 Fiena Peerbooms 17  Fiena Vranken  18 Bertha Collard 19 Mai Maas ? 20 Graad Fredrix 21 Bertha Maas 22 onbekend  23 Nellie Maas 24 Lucie Willems 25 Christien Dirix 26 Corrie Engelen 27 Marie van Es 28 Lies Peerbooms 29 Marie Notten  30 Trina Dahmen 31 Annie Peerbooms 32 Nellie Pijpers

Familie Pijpers

33 Pie Frederix   34 May Pijpers  35 Bert Beckers  36 onbekend     37 Nelly Snijders-Pijpers 38 Sjef Pijpers  39 Tien Pijpers (zuster Philomene )  40 Sjaak Pijpers (vader pater Pijpers )  41 Trieneke Pijpers-Turken (moeder Pater Pijpers )  42 Fien Pijpers (zuster Ludwina ) 43 schilder Sjeng Pijpers 44 onbekend         45 Anna Pijpers   46 Harrie Frederix  (chauffeur bij Schreurs ) 47 Lies Pijpers  48  Lambert Bonekamp

Jonkheid 1942

49 Pie Pijpers    50   Sjeng Bartels  51 onbekend      52  Harrie Daemen  53  Sjeng Penders  54 Pater Hub Pasmans (studie vriend van Pater Pijpers ) 55 An Bours  56 Sjeng Pijpers  57 Marie Willems  58  onbekend    59  onbekend    60  Pater Pijpers  (Leo )  61  Nick  Voncken 62 Anna Penders   63 Harrie  Wouters   64 Sjeng  Vranken  65 May Dols ?  66  Harrie Reubsaet  67 May Reubsaet  68  An Claessen   69  Jan Paulissen    70  Jan Bartels  71 Lisa  Wouters  72  Sjeng Voncken  73 Frits  Hermans  74  Willem Wouters  75  Huub Peerbooms 76  onbekend       77 May Smeets   78  Sjir   Maas   79 Marie   Claessen  80  Sjef Cremers  81 An Bours  ? 82 Tjeu  Lemmens 83 Jan Willems  84 onbekend  85  Bertha Beckers  86 Gerrit  Verboort 87 Bertha Voncken  88 Pie van Es  89 Martha  Gelissen 90 Sjeng Reubsaet  91 Lieske Van Es 92 ?  Bours  93 Nellia Wanten 94 Guus Claessen 95 Fiena Peerbooms 96 Fiena  Vranken 97 Lamber van Es  ?  98  Pie Bours 99 Onbekend  100 Tjeu Beckers 101 onbekend  102 Max Wouters  103 onbekend  104 Pie Bours  105  Pie Steps 106 Harrie Deamen  107 Marie Wanten 108 onbekend  109  onbekend      110 Fien Cobben 111  ? Cremers  112 Huub Notten  113 onbekend   114 Nick van Es ?  115 Col Timans  116 Herman van Es  117 Sjeng van Es  118 ?    Reubsaet  119   Frits Driessen  120 Lies Reubsaet  121 Marie Driessen  122 Giel Wouters  123  Door Notten  124  An Voncken  125 An Lemmens   126 onbekend   127 Fiena Houben  128 Houbair Reubsaet  ?  129   Mai van Es  130 An Cobben 131 Louis Dirix   132 Marie Maas 133 Sjeng Peerbooms 134 Fiena Penders  135 Tilla Notten  136 Math Willems  137 An Frederix  138  Sjefke Spronkmans  139 Sjeng Claessen  140 Anny Steps  141  ?  Tilmans    142  Tjeu Frederix  143 Thei Smeets 144 Sjef Frederix  145 Sjeng Lemmens

Jonkheid Catsop 1953
Jonkheid 1954 ter ere van Pater Claessen alle namen hier van staan in het boek

 

Met dank aan An Daemen (An van Toon)  Graad Collard (Graadje van de pieper) Jo Schepers  (van Sjeng)  en vele Catsopennaere die ik verveeld heb met de foto van Pater Pijpers